Collectie Doop-, Trouw-, Begraaf- en Lidmaatboeken (DTBL)
R.K. par. Sneek, doop 1740-1811 Inventarisnr. : DTB 679
in 1833-1844
Tijdstip: 13:00
Hij is getrouwd met Helena Maria de Wals.
Zij zijn getrouwd op 11 mei 1833 te Vledder.Bron 3
Konden de huwelijksakte niet betalen en kregen een certificaat van onvermogen.
Jurrien Maatje, oud 21 jaren, zoon van de Weduwe Maatje van Kolonie no.1, verzoekt om te mogen huwen met Helena Maria de Wals oud 25 jaren, dochter van den Kolonist de Wals van Kolonie no.1 en tevens in de Kolonie te mogen blijven bij eenen brief aan de Permanente Commissie gericht.
In de kantlijn: Het gezin van Maatje is overgenomen van wijlen de Subcommissie Appingedam en dat van de Wals van die te Geertruidenberg.
De raad brengt dat verzoek bij de Commissie over, toevoegende dat op het gedrag der jongelieden niets nadeeligs valt aan te merken.
Frederiksoord, den 26 October 1831
Weledele Heren,
Dewijl de natuur zijn loop heeft en hebben wil, zo moet ik U Edelen bekend maken dat ik kennis gekregen heb aan de dochter van de Kolonist Jacobus van der Wals en verzoeke des U Edelen toestemming om in het huwelijk te treden en tevens was mijn verzoek ook om in de Maatschappij waarin ik thans geplaatst ben te zeggen in de colonie geplaatst te mogen blijven, hetzij als Kolonist of op een andere manier. Zooals U Edelen dit het beste schikt en in die verwachting dat U Edelen daarom werk van maken zult, blijve ik met alle nedrigheid U allerbereidwilligste Dienaar,
J. Maatje.
Kind(eren):
Bevolkingsregister van de Maatschappij van Weldadigheid
Jurrien Maatje, geboren op 05-05-1810; plaats van herkomst: Kloosterburen; godsdienst: kath.; aangekomen op 06-01-1820; ingeschreven in Frederiksoord als kolonistenzoon; vertrokken op 10-03-1833.
Ingeschreven als wonende op hoeve: 45 (inv.nr. 1346); 45 (inv.nr. 1347); 45 (inv.nr. 1348).
21-10-1826: Hendrik van Vliet, oud 44 jaren, kolonist in kol no 1, uit hoofde dezelve op den 16 dezer, den jongeling Jurrien Maatje van dezelfde kolonie geslagen en mishandeld zoude hebben, blijkens de processen verbaal van den 20 dezer, terwijl den raad van toezigt over kol no 2, voor dezen raad heeft doen compareren:
(Hendrik van Vliet had in drift Jurrien Maatje in handen genomen en geslagen, omdat deze zijn zoontje, volgens zijn zeggen, op eene verregaande wijze mishandeld had.
Dit had hij niet kunnen aanzien, doch nu was hem de drift meester geworden.)
18-10-1830: Jurrien Maatje, zich beklagende, dat hij verleden maandag bij de lading van hooi, aan de Vriesche brug, eenen rijksdaalder was kwijt geworden, dien hij in een zakje in het buis had geborgen, meenende dat hetzelve uit het buis genomen was door Jacob Westhoff.
Hieraan kan de raad niets doen omdat derzelve volstrekt geen bewijs heeft voor de waarheid van dit vermoeden
Jurrien Maatje, verzoekende 3 maanden buiten de kolonie te werken.
Het huisgezin van de wed Maatje heeft, behalve dezen zoon weinig en zwak werkvolk. Is dus besloten, deze jongeling, die ook voor het spadewerk regt geschikt is, gelegenheid te geven om aan de vaart te Steggersloot, of in de turfgraverij dezer koloniën te werken, in welke beide gevallen hij gelegenheid heeft, goede verdiensten te maken, en zijn verzoek te weigeren.
Bijzonderheden:
Jurrien is een zoon van Likle Annes Maatje en Aaltje Berends.
Op vertrekdatum ontslagen en gingen naar Avereest
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Nicolaus Georgius Jurrien Maatje | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
1833 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Helena Maria de Wals | ||||||||||||||||||||||||||||||||||