Hij is getrouwd met Evertje Berghuis.
Zij zijn getrouwd op 31 maart 1715 te Barneveld, hij was toen 27 jaar oud.
Kind(eren):
Gerhardus van de Vliert, ged. Scherpenzeel 04-03-1688, begr. Barneveld 20-12-1748, tr.
Barneveld (att van Scherpenzeel) 31-03-1715 Evertje Barchius/Berghuis, van Barneveld
Lidm. Scherpenzeel 04-06-1713: Gerhardus van de Vliert te Barneveld.
In 1728 wordt Gerhardus van de Vliert beleend met de Hope, de tiend van de Vliert, Wittenoord, Groot
en Klein Overeem en Klein Abbelaar (Laansma).
In 1727 doet Gerrardus van de Vliert met de andere erfgenamen van Anthonij van de Vliert, schout
eindafrekening van het schoutambt van zijn vader (Recht. Arch. Scherpenzeel 4; 05-06-1727).
In 1728 wordt Gerardus van de Vliert beleend na dode van zijn vader Anthony van de Vliert met het
goed Ten Hoop, onder Renswoude (HUA, BNR 38 Leenhof 191-1, fol. 262; 06-03-1728).
Gerardus van de Vliert beleend na dode van zijn vader Anthony van de Vliert, schout van Scherpenzeel
met de wederhelft van de alinge tinsweer van Schadijk, Craaienoort,Gooswilligen en Veenschoten.
Vorige belening 22-05-1697. (HUA; Leenhof 168, fol. 335vo; 17-03-1728).
Gerardus van de Vliert en Aalt van de Vliert beloven te betalen aan dhr Joannes Jansonius schout van
Renswoude de ongelden die Dirk Willemse de Kraaij schuldig en ten achteren is als bruiker van de
Grote Vliert. (Dorpsgerecht Renswoude 1802; 28-03-1730).
In 1736 wordt Gerardus van de Vliert beleend na dode van zijn vader Anthonij Willemsz van de Vliert
met huis, hofstede in het erf Coudijs, maar t huis wordt thans niet meer gevonden (Huis Amerongen
1186; 02-01-1736; Bel. Holevoet nr. 37).
Jacob Gijsbertsen x Aaltje Hendriks Leeuwerikenpol kopen voor 890 gulden van Gerardus van den
Vliert en zijn vrouw de helft van de tiend, grof en smal, uit het erf Groot Overeem, onder Renswoude.
Leenroerig aan de Staten van Utrecht. Koopakte d.d. 28-02-1737. (HUA; BNR 37, inv. nr. 2484; 18-03-
1737).
In 1738 wordt Arnoldus van der Kisten, auditeur militair van de provincie Utrecht namens Jacob
Gijsbertsen van Coudijs voor de Staten van Utrecht beleend door opdracht van Gerardus van de Vliert
met de helft van de tiend, grof en smal, van Overeem, op 28-02-1737 gekocht voor f 890,= (Leenboek
Huis Scherpenzeel 144, fol. 55; 06-03-1738).
Jan van Wolfswinkel beleend door opdracht van Arnoldus van der Kisten namens (zijn oom) Gerardus
van de Vliert (volgens procuratie van 12-11-1740 voor leenmannen van Huis Scherpenzeel) met de ene
helft van de alinge tinsweer. Nb. Godswilligen en Veenschoten blijft buijten de deeling aan Gerardus
van de Vliert. Jan krijgt dus Schaik en Craaienoord. Volgt procuratie van 12-11-1740 (HUA; Leenhof
169, fol. 159; 26-11-1740).
Frank Brouwer, ontvanger te Wageningen beleend door opdracht van Arnoldus van der Kisten namens
(zijn zwager) Gerardus van de Vliert (volgens procuratie van 12-11-1740 voor leenmannen van Huis
Scherpenzeel, fol. 159) met de andere helft van de alinge tinsweer. De ene helft beleend op Jan van
Wolfswinkel op 26-11-1740. Vorige belening van de hele tinsweer op 06-03-1728. (HUA; Leenhof 169,
fol. 162vo; 03-12-1740).
Uit dit huw.:
1. Metje Wandrina van de Vliert, ged. Barneveld 04-03-1716
2. Jacob van de Vliert, ged. Barneveld 31-10-1717, begr. Barneveld 27-04-1752
In 1749 wordt Jacob van de Vliert beleend na dode van zijn vader Gerardus van de Vliert met
het goed Ten Hoop, onder Renswoude (HUA, BNR 38 Leenhof 191-1, fol. 262; 19-12-1749).
3. Antonij van de Vliert, ged. Barneveld 13-08-1719, predikant, van Barneveld, won.
Amsterdam, tr. Nunspeet 29-10-1754 Neeltje Heemskerk, van Leiden, won.
Amsterdam
In 1753 wordt Anthoni van de Vliert beleend na dode van zijn broer Jacob van de Vliert met het
goed Ten Hoop, onder Renswoude (HUA, BNR 38 Leenhof 191-2, fol. 601; 27-10-1753).
De erfgenamen van ds. Anthonij van de Vliert, ov. te Amsterdam brengen aan:
De helft van een tiend, gaande uit het erf Wittenoord, onder Renswoude. Leenroerig aan de
Staten van Utrecht. Op d.d. 29-12-1784 geschat op 500 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel in een erf en goed, genaamd de Hoope, onder Renswoude. Leenroerig
aan de Staten van Utrecht. Op d.d. 29-12-1784 geschat op 480 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel in een stuk land, genaamd de Eijerkamp, onder Renswoude. Op d.d.
29-12-1784 geschat op 119 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel in het Zand, genaamd de Keut, onder Renswoude. Op d.d. 29-12-
1784 geschat op 70 gulden.
Het 1/5 deel van ¾ deel in een bosje, genaamd Barende de Loozebos, onder Renswoude. Op
d.d. 29-12-1784 geschat op 15 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel in een stuk land, genaamd het Holevoeter Land, onder Woudenberg.
Op d.d. 13-01-1785 geschat op 140 gulden.
Wordt geërfd binnen de 4e graad.
(AE; BNR 0001.01 Stadsarchief 1562; 24-02-1785).
In 1793 wordt Hendrik Berghuis, raad van Amersfoort volgens testament d.d. 19-02-1784 van
Anthonij van de Vliert, predikant te Nunspeet beleend 4 morgen in het erf Coudijs, zoals
Anthonij van de Vliert er 11-11-1753 mee was beleend (Huis Amerongen 1187, fol. 24vo;
1793; Bel. Holevoet nr. 37).
4. Marijtje van de Vliert, ged. Barneveld 07-12-1721
De erfgenamen van Maria van de Vliert, ov. te Barneveld brengen aan:
Het 1/5 deel van 7/8 deel van het erf, genaamd de Hope, onder Renswoude. Leenroerig aan de
Staten van Utrecht. Op d.d. 28-12-1789 geschat op 480 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel van een stuk land, genaamd de Eijerkamp, onder Renswoude. Op d.d.
28-12-1789 geschat op 119 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel van een stuk land, genaamd de Keut, onder Renswoude. Op d.d. 28-
12-1789 geschat op 70 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel van een bosje, genaamd Barend de Loosebosch, onder Renswoude.
Op d.d. 28-12-1789 geschat op 17 gulden.
Het 1/5 deel van 7/8 deel van een stuk land, genaamd het Holevoeteland, onder Woudenberg.
Op d.d. 05-01-1790 geschat op 126 gulden.
Wordt geërfd binnen de 4e graad.
(AE; BNR 0001.01 Stadsarchief 1563; 13-02-1790).
5. Willemijntje van de Vliert, ged. Barneveld 26-12-1723, ov. Barneveld 24-10-1804
8. Marrijtje/Maria van de Vliert, ged. Scherpenzeel 18-05-1690, tr. (1) Scherpenzeel 28-06-
1711 Jacobus van Wessel, ov. voor 1715, zn. van Jacobus van Wessel en Christina van
Wolfswinckel, tr. (2) Lunteren (otr. Scherpenzeel en Barneveld) 05-05-1732 Jan van
Dompseler Heijmans, wed. Maria van Coten, won. Barneveld. Jan van Dompseler Heijmans,
tr. (3) Amsterdam (otr. Barneveld 10-07-1735) Christina Oldenhof, wed. Pieter Lupier, van
Amsterdam
Lidm. Scherpenzeel 31-03-1709: Mijtje van de Vliert.
Lidm. Scherpenzeel 24-05-1711: Jacobus van Wessel, jm.
Lidm. reg. Scherpenzeel 1715: Mijtje van de Vliert, wed. Jacobus van Wessel, met attestatie vertrokken
naar Barneveld.
Aalt van de Vliert en Jan van Dompselaar Heijmans kopen voor 600 gulden van dr. Gerhard Pronck,
secretaris van de rekenkamer van Gelderland voor hemzelf en namens de andere erfgenamen van
Wandelina Reijnders, wed. Antonij van de Vliert, schout van Scherpenzeel ¼ deel van een erf, genaamd
de Vliert, de helft van t Beerendelosoosen Bosjen, bij de Vliert, onder Renswoude. Koopakte d.d. 28-
02-1734. (AE; Stadsarchief 1535; 19-04-1734).
Aart van de Vliert x Anna van de Vliert kopen voor 100 gulden van Jan van Dompselaar Heijmans x
Maria van Coot het 1/16 deel van een erf, genaamd de Vliert, onder Renswoude. Koopakte d.d. 01-05-
1742. (HUA; BNR 37, inv. nr. 2484; 08-05-1742).
Heijmen Theunisz, wed. Trijntje Noomen koopt voor 300 gulden van Maria van de Vliert een kamp
land, genaamd Kostverloren, in het Lage Erf, onder Renswoude. Koopakte d.d. 08-03-1763. (HUA;
BNR 37, inv. nr. 2485; 11-03-1763). https://oudscherpenzeel.nl/wp-content/uploads/genealogie-pdf/Vliert%20van%20de.pdf
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Gerhardus van de Vliert | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1715 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Evertje Berghuis | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.