Nachkommenschaft van Derick Visch » Jan Petersz Visch (± 1580-> 1663)

Persönliche Daten Jan Petersz Visch 

  • Er wurde geboren rund 1580.
  • Wohnhaft: Hierden.
  • Er ist verstorben nach 1663.
  • Ein Kind von Peter Jansz Visch und N.N.

Familie von Jan Petersz Visch

(1) Er ist verheiratet mit Marritje Alberts.

Die Eheerklärung wurde am 18. April 1613 zu Harderwijk gegeben.


Kind(er):

  1. Jacob Jansen Visch  1622-1662 


(2) Er ist verheiratet mit Grietge Gerritss.

1651 maart 17, rec. 148, folio 38 en 38 verso. ( ORAH, copie 11:18/19 )
Voor Hoeclom en Brinck Schepenen Compareerden Jan petersen Visch ende
Gerrits echteluijden gesont van verstande en lichaem, hebben malcanderen
d'andere belijftuchtigt in drie darde deelen van haer huijs staende
muijr daer Tuintjen wouter maesens weduwe in woont, daer beneffens hebben
canderen belijftuchtigt in vijf en twintich gulden jaerlix soe lange die
levende int leven blijft, en dat bij forme van testamente legaeten
ofte woe sulx anders opt bundichste nae rechten soude cunnen moegen
ordinerende haere erfgenaemen dese dispositie te achtervolgen en dat den
sant van dien van haere erffenisse versteecken sal sijn en blijven, Ende
uijt cracht van huwelixe vurwaerden den 23 novembris 1643 opgericht die
penen hebben gesien en gelesen sonder argelist actum den 17 martij 1651.

Die Eheerklärung wurde am 26. November 1643 zu Harderwijk gegeben.


Notizen bei Jan Petersz Visch

1625 juli 22. rec. 145, folio 79 verso. ( ORAH, copie 15:359 )
Voor Brinck ende Arler Compareerden Brandt Albertss, Jan Peterss Visch
uxoris Aeltgen Albertss ende Rende Scheen nomine uxoris Beertgen Albertss
sich mede sterckmakende ende caverende de rato voor haer Suster Gerrit
ende haer broeders ende Susters kinderen, ende mechtichden Albert
alle alsulcken Actien ende Saecken als sij met Gerrit Noijen ofte ijmandt
anders eenichsins uuijtstaende ende te doen hebben off naemaels crigen
In omnibus ad Lites, Cum potestate substituendi ende ratificatione
Actum den 22. Julij 1625.
1625 september 26, resol.boek nr. 4, folio 172.
Evert Gosenss en Jan Peterss Visch momberen van Rende Egbertss Scheen
1626 februari 8, rec. 145, folio 108 en 108 verso. ( ORAH, copie
Voor Wenckum ende Tegnagel Richteren Tuichden onder presentatie van Eede
noot sijnde Gerrit Bosch olt ongeveerlick 39 jaeren ende Jan Peters van
bergen Sieckenbesoecker olt 28 jaeren eenheilichlick hoe wel Elcx apart
vraegt sijnde, Dat sij ter instantie van Everdt Gosenss pro se ende mede
Jan Visch als momberen van zaliger Rende Schenen kinderen ende Lubbert
ende Goerdt Eibertss als momberen van zaliger Peter Schenen kindt
waren als recht is, hoe waer ende hen Getuigen noch wel indachtich is,
sij luiden gehaelt bent bij Brouwertgen zaliger Egbert Schenen Weduwe,
opt uuijterste aen een contagiense sieckte, Dat Brouwertgen doe onder
verclaerden, Tot Albert Dirrickss in sijnen leven procureur voor desen
Gerichte noch te hebben liggen hondert gulden aen gelt, Daer se geen
schrift aff en hadde. Actum den 8. februarij 1626.
1626 februari 14, rec. 145, folio 121 verso. ( ORAH, copie 10:15 )
Voir Jacob Voeth ende Tegnagel Schepenen ende Overwesenmeesteren
Jr Lucas van Essen Rentmeister etc. ter eenre Ende Everdt Gosenss ende
Peterss Visch als momberen van zaliger Rende Egbertss Schenen kinderen
Lubbert Renden als momber van zaliger Peter Schenen kindt, ter andere
ende bekenden Dat sij veraccordeert waren Dat die voorschreven
Erflick hebben ende beholden sal huijs Schuire ende berch soe als d'selve
staende sijn opt Erve daer Rende Egbertss gestorven is, met 't
bedstede ende balkslieten daer in sijnde, Waer voor die voorschreven
meester beloofde aenden voorschreven kinderen te betalen d'somme van
gulden hollandts stuck ad XX stuiver. Actum den 14 Februarij 1626.
( zie A-VI-c )
N.B.: berch, barch : hooiberg, korenberg.
: middelschot : tussenschot.
: blacksliet : lange dunne balk.
: sth : stuver, stuyver, stuiver.
1626 juli 9, rec. 145, folio 153 ? ( ORAH )
Gerritje ( Beertgen ) Albertss, weduwe van Rende Hartgerss ( lees
bewijst haar twee kinderen de helft van haar goederen en een uitzet, met
vinden van Jan Peterss Visch en Gerrit Noijen, der kinderen vrunden.
N.B.: Marritje Albertss ( x Jan Peterss Visch ) is de zus van Gerritje
Albertss.
1629 januari 7, rec. 145, folio 254 en 254 verso. ( ORAH, copie
Voir Jacob Voeth ende Tegnagel Schepenen ende Overwesenmeesteren
Thiman Everdtss ter eenre, ende Everdt Gosenss voor hem selfe ende mede
Jan Peterss Visch momber van zaliger Rende Schenens kindt ende Dries
van Nunspeet momber van Peter Schenens kindt, ter andere sijden. Ende
dat sij over hare questien ende verschillen soo van die sententie van de
beteringen uuijt cracht van hilicxvurwarden, als onkosten van dien, sampt
tensien van winst ende verschott, ten overstaen van de voorschreven heren
wesenmeesteren veraccordeert ende verdragen sijn, dat den voorschreven
mette voornoemde momberen aen den voorschreven Thiman sullen uuijtrichten
daetlick betalen die Somme van Twe hondert gulden hollandts. Ende Alsoo
Gosenss eenige Bruidegoms kragen ende anders tot sijne huise tot noch toe
hadt heeft, heeft hij belooft daer voor te betalen ende erleggen die
seven gulden hollandts. Waer mede dan die voorschreven partien bekenden
eenemael van malkanderen gescheiden te sullen sijn ende blijven, Sonder
eene eenige Actien ofte pretensien meer opte andere reserveert ofte te
deren heeft. Sonder argelist. Actum den 7. Januarij 1629.
Voir d'selve Schepenen bekende Thiman Everdtss die voorschreven Somme van
hondert ende Seven gulden hollandts van die voorschreven parthien ten
ontfangen te hebben. Bedanckende hen daer van goede vermeuginge ende
des leste pennick mette eerste. Actum den 15. Januarij 1629.
N.B.: sententie : vonnis.
: hilicx : huwelijk.
: pretensie : eis, vordering.
: verschott : belasting, geldelijke inkomsten, aftrek.
1632 juni 28, rec. 145, folio 454 verso.( ORAH, copie 5:10 )
Voir Albert Voeth ende Brinck Schepenen machtichden Lubbert Corneliss
Jan Peterss Visch als Gildemeesteren inder tijdt van hijerden, Willem
in alle alsulcke saecken als sij tegen de Muntmeester halewijn ofte
anders Eenichsins te doen hebben ofte crijgen mogen, In omnibus ad lites
potestate substituendi et ratificatione Actorum. Actum den 28 Junij 1632.
N.B.: muntmeester: hij die het recht heeft geld te slaan of te wisselen,
bankier.
: in omnibus : in alles
: lis, litis : strijd, geschil.
: potestas : wettige macht, bevoegdheid.
: substituo : vervangen, in plaats van iets stellen.
: ratificatione : bekrachtigen.
1632 juli 4, rec. 145, folio 458 verso en 459. ( ORAH, copie 15:395/396 )
Voir Dedem ende Brinck Richteren Tuichde bij solemnelen Eede Reijer Sober
ongeveerlick 53. Jaeren, Daer hij ter Instantie van Lubbert Corneliss
Visch Peterss als Gildemeisteren van Hijerden toegebodet was als recht is
waer is dat hij getuige tot Hijerden geboren ende opgevoedet is Ende van
aen waren gaen ende dickwils bij Beeckhuisen verkeert heeft. Ende dat die
Hulshorst ten oosten achter Beeckhuisen langens den Enck een Lijckwech
te hebben, daer over sij haer doden volgden nae Ermell ter begraffnisse.
dat door het graven van den Muntmeester Johan Halewijn gedaen ofte doen,
gemelte Lijckwech ten deele aengegraven ofte vergraven is. Ende dat aen
voorschreven Oostersijde een pael plege te staen soo lange hem mach
op een olt walleken, welcke pael nu onlangs, omtrent een maandt geleden,
houwen is, dan dat hij getuige niet weet door wie, Dat oick Beeckhuisen
Westen een olde walle plege te hebben, waer op oick een pale gestaen
Ende dat nu bij die nijuwe gravinge die Walle op de Westersijde nae dese
aen oick verder uuijtgelegt is, als sij van olts plege te sijn, soo die
nu binnen die Walle staet. Ende dat die van Hijerden voornamelick die
van Elbert Aerdtss op die dunen van olts langes Beeckhuisen haer
onbespiet plegen te gebruicken ten Oosten, Ende Pots Gilde daer langes
Westen. Dat oick die van Hijerden onbespiet, soo lange hem getuige
ende hij weet, ten Oosten ende te Westen langes die Beeckhuiser Walle
plaggen plege hene te voeren uuijt het velt, Ende haer plaggen oick op
Streken te maijen int gemeine velt. Ende dat Halewijn voorschreven sijn
schot op die Streek van Pots heeft gesett ende verre ten Westen van de
Schotstede. Dat oick hij Getuige onlangs acht gulden tot Schutgelt heeft
betalen, vermits die Schoters van wegen de Muntmeester seiden, Dat die
binnen die bepalingen op die bepote Wallen geweest waren ende grote
daen hadden, Ende dat sijn Scheper naderhandt contrarie heeft geseijt:
die Schotinge vant velt te sijn geschiet. Soo waerlick moste hem Getuige
almachtich helpen. Actum den 4. Julij 1632.
N.B.: Schoter : hij die van gemeentewege het vee "schut", dat op
losloopt.
: schuttinge : schotinge: het opvangen van vee dat zich ergens
lijk bevindt
: scheper : schaapherder.
1632 juli 4, rec. 145, folio 459 verso. ( ORAH, copie 15:397 )
Voir d'selve Richteren ende ter Instantie als boven Tuichde bij Eede
Dirrickss olt ongeveerlick 75. Jaeren, hoe waer is Dat hij tot Hijerden
boren ende gevoedet is Ende van Jonges aen met gaen ende staen bij
verkeert heeft. Ende dat Beeckhuisen ten Westen een olde Walle plege te
bij het Goer, Ende dat een pael stonde een stuckgen in het velt verbij
huisen. Ende dat die Hijerders vornemelick die hoffstede van Elbert
op die Duinen, van olt langes Beeckhuisen ten Oosten, haer Schaepsdrift
spiet plegen te gebruicken ende Pots Gilde daer langes ten Westen. Dat
soo lange hem geheucht, die van Hijerden onbespieckt ten oosten ende ten
langes die Beeckhuiser Walle haer plaggen plegen heen te voeren uuijt het
Ende haer plaggen oick op die Streken te maijen int gemeine velt. Van de
van de vragen als nijet gesijen mochte in lange jaren aldaer geweest te
nijet meer te weten. Actum ut supra.
1635 juni 22, resolutie boek nr. 6, folio 167. ( OAH, copie 6:10 )
Gijsbert soen int Spaensche Paerdt, om dat hij holt gehouwen heeft ende
Visch in zijn huis gedreicht hadt, is gecondemneert in - 10 gulden
te betalen, off 8 dagen te water ende brode. Ende soo hij sich eenichmals
nae in dergelijcke vergrijpt, sal midts desen sijn gebannen.
Actum den 22 junij 1635.
N.B.: Gijsbert soen : Gijsbert Henricsz.
: Spaensche Paerdt : herberg in Hierden.
: Spaensche Paerdt : martelwerktuig, bestaande uit een kubus waar de
verdachte op de punt werd neergezet met eventueel
verzwaring aan de voeten.
1644 december 27, rec. 147, folio 88 verso en 89. ( ORAH, copie
Voor Brinck ende Dedem Schepenen bekende Jan Mathijss Corporaal uijten
van Beerdt peterss ende Jan visch peterss, als momberen van Eijbert
ontfangen te hebben hondert ende vijftich guldens hollandts 't stuck ad
twintich stuivers, daer mede d'obligatien van 150 gulden bij den
Eibert Renden tgv Eluwar in portugael gepassert voldaen ende afgelost is
Actum den 27 December 1644.
1646, kohier verponding, folio 78 verso. ( OAH, copie 12:44 )
Jan Visch Peters, eijgenaar van anderhalf dagmaten 1.10.-, Hoge Mehen.
1646, kohier verponding, folio 120. ( OAH, copie 12:47 )
Jan Visch eijgenaar van Pinxteren hofje, groot een half mud, word onder
erfgenamen gebruijckt ende is aldaer aengeslagen.
N.B.: 0.5 mud ( Gelderland ): 0.23 - 0.39 hectare.
1646, kohier verponding, folio 89 verso. ( OAH, copie 12:48 )
Jan visch peters pachter van stadts campje achter dirck janss ter Beecks
hofstaetje groot 3 schepel broecland ad 2-4-0.
N.B.: broeclant : laag, moerassig land.
Sleghte plaggevelden en de broeclanden van Wolters camp tot aen de Mehen
streckende :
Jan visch peters pachter van anderhalf mud lants marten jans erfgenamen
horende ad 2-0-0.
1650 juli 13, rec. 148, folio 14 verso. ( ORAH, copie 11:17 )
Voor Tegnagel en Deden Schepenen Loofden en wierden burgen als voorfancks
is Jan Hendriksen den Olden ende Augustijn Aeltsen voor Maes ende Jan
Jan Visch ende Jacob Renden ende sulcx voor d'erffnisse en versterff voor
tien Everts haer beijder suster en moije, des beloofden sij principalen
burgen te vrijen en des aengaende te guaranderen. Actum den 13 julij
N.B.: moeye: moei, tante, nicht of stiefmoeder

Haben Sie Ergänzungen, Korrekturen oder Fragen im Zusammenhang mit Jan Petersz Visch?
Der Autor dieser Publikation würde gerne von Ihnen hören!


Zeitbalken Jan Petersz Visch

  Diese Funktionalität ist Browsern mit aktivierten Javascript vorbehalten.
Klicken Sie auf den Namen für weitere Informationen. Verwendete Symbole: grootouders Großeltern   ouders Eltern   broers-zussen Geschwister   kinderen Kinder

Vorfahren (und Nachkommen) von Jan Petersz Visch

Alijt van Herpen
± 1490-< 1540
Peter Jansz Visch
± 1535-????
N.N.
????-

Jan Petersz Visch
± 1580-> 1663

(1) 

Marritje Alberts
± 1590-????

(2) 

Grietge Gerritss
± 1600-????


    Zeige ganze Ahnentafel

    Mit der Schnellsuche können Sie nach Name, Vorname gefolgt von Nachname suchen. Sie geben ein paar Buchstaben (mindestens 3) ein und schon erscheint eine Liste mit Personennamen in dieser Publikation. Je mehr Buchstaben Sie eingeben, desto genauer sind die Resultate. Klicken Sie auf den Namen einer Person, um zur Seite dieser Person zu gelangen.

    • Kleine oder grosse Zeichen sind egal.
    • Wenn Sie sich bezüglich des Vornamens oder der genauen Schreibweise nicht sicher sind, können Sie ein Sternchen (*) verwenden. Beispiel: „*ornelis de b*r“ findet sowohl „cornelis de boer“ als auch „kornelis de buur“.
    • Es ist nicht möglich, nichtalphabetische Zeichen einzugeben, also auch keine diakritischen Zeichen wie ö und é.

    Verwandschaft Jan Petersz Visch



    Visualisieren Sie eine andere Beziehung

    Die angezeigten Daten haben keine Quellen.

    Anknüpfungspunkte in anderen Publikationen

    Diese Person kommt auch in der Publikation vor:

    Über den Familiennamen Visch

    • Zeigen Sie die Informationen an, über die Genealogie Online verfügt über den Nachnamen Visch.
    • Überprüfen Sie die Informationen, die Open Archives hat über Visch.
    • Überprüfen Sie im Register Wie (onder)zoekt wie?, wer den Familiennamen Visch (unter)sucht.

    Geben Sie beim Kopieren von Daten aus diesem Stammbaum bitte die Herkunft an:
    A. van 't Pad Bosch, "Nachkommenschaft van Derick Visch", Datenbank, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/parenteel-derick-visch/I2467.php : abgerufen 11. Januar 2026), "Jan Petersz Visch (± 1580-> 1663)".