Kind(eren):
Wordt vermeld in het schattingenregister Die Ham van 1397-1400, met 1/2 schilt
Bron: 0522 Huis Middachten
Inventaris
2. 1329-1820
N.B. Inventaris van W. Wijnaendts van Resandt, 1914.
2.1. Diverse acten
621 Herman van Keppele, ritter, Johanna zijne huisvrouw, Jacoba, Frederick, Herman, Alheit en Ghert, hunnen kinderen, bekennen verkocht te hebben aan Styne van den Schevenen ene rente van 5 gouden Rijnsche guldens, voor een ontvangen hoofdsom van 100 dezer guldens; de rente jaarlijks te voldoen uit de erven Volkerynck in het kerspel van Legden en Bennekynck in het kerspel van Wullen gelegen, binnen Stenvorde op den Zondag Letare Jerusalem.
Waarborgen blijven Hinrick Valke, Herman Schenkynck, Diderick Strick en Johan van Munster.
Ten overstaan van Engelbert van der Beke, gogreve ton Santwelle, Frederick van Senden en Clawes van der Oldenborgh als keurnoten, en Diderick van Borchorst en Johan Grolle als getuigen, 1425 maart 20 (feria tertia post Dominicam Letare Jherusalem). 1 charter
N.B. Op perkament, gecancelleerd, van de uithangende zegels van den verkoper, de waarborgen en den gograaf zijn nog aanwezig in groen was die van Herman van Keppel, ridder, Johan van Munster en Engelbert van der Beke.
622 Godike van Monster, knape, Wolter, Herman en Williken, zijne zonen, beloven Gerlig van Wullen Gerligeszoon schadeloos te houden en kwijt te maken wegens de gelofte, welke hij voor hen gedaan heeft aan Herman ton Hagen, 1428 october 9 (ipso die beati Dyonisii et sociorum ejus). 1 charter
N.B. Op perkament, van de uithangende zegels van Godike, Wolter en Herman van Munster zijn het eerste en derde in bruin was nog aanwezig; Williken heeft nog geen eigen zegel.
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.