Hij is getrouwd met Maria Vaders.Bron 1
Zij zijn getrouwd op 24 oktober 1703 te Liempde.
Kind(eren):
circa 17 oktober 1677 : Doop
Bij de doop wordt zijn moeder "Margriet" genoemd. Hij is schepen (RANB, Liempde R 85, f 1 (1710), 48, 55 en 69 (1717), R 86, f 1 (1720), 27-1-1722.) te Liempde en provisor( RANB, Liempde R 87, f 61 en 63 (1734). van de Tafel van de H.Geest aldaar.
mogelijkerwijze 17 oktober 1677 : Doop - Boxtel
24 oktober 1703 : Huwelijk (met Maria Vaders) - Liempde
Zij trouwden op 9-10-1703 voor de pastoor en op 24-10-1703 voor de borgemeester en schepen
27 maart 1738 : Overlijden - Liempde
Aantekeningen
De ouders van Maria Vaders waren blijkbaar rijke mensen. Dit blijkt uit diverse stukken welke in 1728 werden opgemaakt voor de Scheepenen van Liempde. Wouter erfde toen o.a. twee, voor die tijd niet onaanzienlijke bedragen (tot een totaalbedrag van 1861 gulden) van zijn schoonvader. De zuster van Maria Vaders t.w. Petronella Vaders is getrouwd en later weduwe van Christiaen Godschalkx. Op 26 juli 1746 wijst zij de 3 kinderen van Wouter van Abelen gehuwd met Maria Vaders, bij testament aan als erfgenamen. Wouter was een invloedrijk figuur. Hij is geruime tijd Schepene (een soort wethouder) van Liempde geweest, Dit blijkt uit stukken opgemaakt op 19-4-1710; 17-11-1720 en 27-1-1722. De erfgenamen Johanna, Hendrick en Dirck delen op 29 februari 1740 een bijzonder grote erfenis van hun ouders, hun grootvader Michiel Peter Vaders en van hun broer Cornelis, die op jonge leeftijd, op 20 juni 1629, is gestorven. Aan Dirk Wouter van Abelen komt een bouwhuis met aangelegen akkerland van 6 lopense en 17 roeden met nog meerdere landerijen te Esch, te Boxtel verkrijgt hij onder Bruekelen een huis met aangelegen land van 7 lopense en 351/2 nog land in het Bossche Veld, nog te Helvoirt en te Vught. Aan Hendrik Wouter van Abelen komt een teulhuis met een hof te Boxtel onder Lennisheuvel met nog meerdere landerijen aldaar waaronder erven leenroerig aan de Heer van Boxtel. Aan dochter Johanna komen goederen te Liempde in de hertgang van het Loo-eijndt waaronder een teulhuis aan de Bruekelsestraat. Op 10 juli 1741 te Liempde verkoopt Johanna aan een zekere Hendrik van de Mosselaar, ses Loopense teulland en groes, genaemt “de quaatkop hertgang van Loo Eynd”, haar aangekomen van haar ouders (dwz. Geërfd), belast met 6 duyten cijns aan de heer van Boxtel, jaarlijks op Sint Marten (dus te voldoen op de feestdag van Sint Maarten, voor een bedrag van 300 gulden. In een testament opgemaakt te Liempde wijst zij Marianna van de Graaf (minderjarige) als enige erfgenaamn over haar bezittingen aan. Op 1 augustus 1741 beloven de weduwe van Gerrit Gijsberts Heesters en haar kinderen aan de kinderen van Wouter Dircken van Abelen de achterstallige pacht (in koren en geld) van seeckere steede lands te sullen betalen voor Pasen 1742.
Op 13 oktober 1748 maken beiden een testament (RANB, Liempde, R 89, f 72 (1748). Enkele weken tevoren was hun jongste kind (Dirk Wouter) geboren. Ze benoemen erin de voogden voor hun vier minderjarige kinderen Wouter, Andries Maria en Wilhelmus. Genoemde Wouter is op 24 augustus 1753 te Liempde begraven, zodat na de dood van Dirk nog ten behoeve van drie kinderen een taxatie plaats vindt op 2 december 1755 (RANB, Esch R 38, f 145 (1755).. Tot de bezittingen hoort dan de van zijn ouders geërfde hoeve te Esch aan de Boxtelse Heide, nog een huis te Bruekelen onder Boxtel, alsmede vele landerijen. Tot de erffhaefelijke goederen behoren onder meer twee hoogkarren met ijzer beslagen raderen, alsook twee aardkarren, een ploeg, twee eggen, een boterstand, een melktobbe, een roomtobbe, twee spinnewielen, wat ongebraakt vlas en 14 pond gehekeld vlas, alsmeder 2 pond gesponnen garen. Naast zilveren schoengespen (2 paar) en 34 zilveren knopen troffen we ook een gouden kruis met knop en oogje, een met op de vier hoeken met zilver beslagen kerkboek alsnog 6 andere gebedenboeken en een zilveren snuifdoos met de inscriptie “D.V.A.” en een zilveren lepel. De veestapel bestond uit twee paarden, een graauw en een swart, 7 dragende koebeesten, 3 leeskalveren, een os, een vet varken, een vaalen hondt, een haan en 3 à 4 hennen. Op 2 december 1772 worden de goederen van Dirk en Willemke gedeeld103. Maria is intussen getrouwd met Jan Cornelis Schellen. Het huis aan de Boxtelse Heide te Esch komt aan de dochter. Willem van Abelen verkrijgt het huis in Boxtel in de hertgang Breukelen.
In het jaar 1715 (Kohier van verponding en bede( zie**) te Esch, inventaris 335) heeft Hendriena Dircken van Abelen in eigendom “het hoijlandt gecomen van Goyaert Anthonissen, groot 4 loopensaet ende halff getaxeeerd in de verponding op.2.2.2 (d.w.z. twee gulden, twee stuyvers en 2 penningen belasting). Later is “gecomen van Goyaert Anthonissen” doorgestreept en vervangen door “genaemt de kleye Ochelen”. De bedragen der verpondingen staan dus in guldens, stuyvers en penningen. Blijkens de optellingen werd gerekend: 1 gulden = 20 stuyvers en 1 stuyver = 16 penningen.
Uit het Scheepenenprotocol Boxtel, inventaris R 140, folio 320 zijn gegevens vermeld over de nalatenschap van Hendriena van Abelen (begraven op 20 augustus 1723 te Boxtel) en daaruit bleek dat Hendriena vaste goederen en bezittingen had voor een bedrag vabn 432 gulden en 10 stuyvers te weten: - Een huys en hoff, omtrent 25 roeyen, getaxeerd op f. 250 - 3 loppense ackerland in de parochie Haeren, getaxeerd f. 67 en 10 stuyvers - 3 loopense weiland, genaemd “de kleine ochelen” f. 60 - 1 stukje weyland en eckerland, groot omtrent 1 loopense,genaemt “het Brunschot” f. 30 - de helft van een stukje moervelt, genaemt “in Lys Gommerts Beemt”Gelegen binnen den Dorpe Helvoirt f. 25 Totaal f. 432 en 10 stuyvers. Tegenover de scheepenen verklaarde Wouter van Abelen, haar broer, dat er geen goederen zijn vergeten.
Op 15 juni 1720 verkoopt Peter Peter Smolders ( de man van Cornelia) ackerland en groes “op het Brunschot” en ackerland aan de Groenwegh te Esch.
Hendriena verkoopt aan haar broer Wouter op 2 juli 1721 vijf Loopense ackerlandt aan de Groenwegh te Esch. zie document
Op 15 september 1723 wordt een taxatie der vaste goederen, gelegen binnen Esch, opgemaakt welke eigendom zijn van Hendrien van Abelen. zie document
De kinderen van Dirk, daarvoor Dirck en daarvoor Wouter (vader/grootvader) zijn eigenaar geweest van het pand Heikant 3 te Esch (Hoeve Massenbroek). Zij hebben er echter nooit zelf gewoond zoals blijkt uit het Gemeentearchief van Esch, lijsten van bewoners en eigenaren van huizen. Pas in 1776 werd het pand verkocht aan de bewoner Jan Cornelis Schelle, schoonzoon van Dirk van Abeelen en Willemke van Oers.
*Wat is een verponding: Dat is een soort kadaster waarin de grondoppervlakte staat vermeld voor de berekening van de belasting, die voor de plaats zelf is bestemd. Wat is bede: de oude zgn.koningsbede: een soort belasting, weke is bestemd voor de Staat. De gebruikte termen voor het aangeven van de oppervlakte: 1 morgen = 6 loopense (of loopensaet) 1 loopense = 50 roeden (of roeyen) 1 roede = 20 voet 1 voet = = 11 duim (werd in Esch aangehouden) De afmeting van een “morgen” is niet overal hetzelfde. De “Bossche morgen” is ongeveer 0,99 hectare groot
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Wouter (Waltherus) Dirk van Abeelen | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1703 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Maria Vaders | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||