Scheijdinge en deijlinge der kinders ende representanten wijlen Franciscus Swennen en Ida Lenarts zaligers
No 2
Op heden den 23en. februarij 1795 voor mij ondergesz: nots. binnen Eijgenbilsen resideerende in praesentie der getuijgen naer te noemen Compareerde persoonelijk Godefridus Swennen, Dirick Swennen, Catharina Swennen en Genoviva Swennen, kinders en repraesentanten wijlen Franciscus Swennen, en Ida Lenaerts Saligers ingesitene geweest van Eygenbilzen, deselve Comparanten sijn intreedende eene deijlinge kindererfgoederen soo [inals uts deden] zijn doende, nair doodt hunder ouders op hun gedivolveert en hebben deselve gesteld in vier egale portien, en getrocken sub numeris 1 2 3 4 Soodat numero 1 gevallen is aen Genoviva Swennen, maer wel te verstaan dat sij heeft buijten deijlinge vier groot roeden geleegen int Steenbergervelt reijngenoten hofs naer Maestricht den eerwaerden Heer Pastoor van Eijgenbilsen en ter sijde naar Mopertingen den nots Withofs, getrocken tegen de huizinge, item bij deijlinge gevallen een hallef bonder onder in den Avenhof geleegen onder Mopertingen, rijngenoten op het hooft naert brock, den eerwarden Heer Vansichen, ter zijden naer hoelbeek den eerwarden Heer pastoor Van Eygenbilsen, en ter zijde naer mopertingen Dirick Swennen, item noch 5 roeden geleegen int gellickervelt, reingenoten naer Confelt giel meeters, ter zijde naer den Schaienbos frå vvjen Ngor item noch 5 roeden getugen onbelast Franck Swennen Smit dese isorde gel aen de wintmoolen, vrijngllooten op t hooft naer de Wintmoolen mevis Meijers, ter zijde naer Mopertingen Thomas Withofs, en Catharina Lemmens
Testamentaire dispositie zijdens den eersame Franciscus Swennen alde, weduwenaer