1535 Schüler der Klosterschule Schlüchtern, 1548 magister artium inWittenberg, Gelehrter (Dr. med. und Dr. phil.), Reisen durchFrankreich und Italien, dortige Studien- und Lehraufenthalte (1556Bologna), 1557 Professor der Botanik und Medizin in Heidelberg. Bedeutenster neulateinischer Dichter Deutschlands. Pate war Petrus Lotichius, Stadtpfarrer und spätere Abt des KlostersSchlüchtern
Petrus Lotichius Secundus (Schlüchtern, 2 november 1528 - Schlüchtern, 3 november 1560), oorspronkelijk Peter Lotz, was een zeer belangrijk Neolatijns dichter uit de zestiende eeuw.
Leven
Petrus Lotichius Secundus is op 2 november 1528 geboren in Schlüchtern (Hessen). Hij was de zoon van Hans Lotz, die een boerenbestaan had. Lotichius is vernoemd naar zijn oom Peter Lotz, die een protestantse abt in Schlüchtern was. Door zijn oom kreeg Lotichius de mogelijkheid om onderwijs te volgen. Dit deed hij eerst dan ook bij het klooster van zijn oom. Hier besloten zowel zijn oom als hij denaam Petrus Lotichius aan te nemen en om geen verwarring over de naam te laten ontstaan is de neef Petrus Lotichius Secundus genoemd.
In 1542 vertrekt Lotichius naar Frankfurt am Main om bij de beroemde leraar en dichter Jacob Micyllus te gaan studeren. In het voorjaar van 1544 gaat hij, op 15 jarige leeftijd, naar Marburg om medicijnen te gaan studeren. Hier ontmoet hij zijn vriend Johannes Hagen, die na zijn dood een biografie over hem schrijft. De eerste gedichten van Lotichius zijn in deze periode geschreven. In 1545 gaat Lotichius naar Wittenberg om bij Philipp Melanchthon te studeren.
Aan het eind van dit jaar breekt echter de Schmalkaldische oorlog uit, waardoor de universiteit gesloten werd. Lotichius vlucht naar Magdeburg om zich daar bij de protestantse strijdmachten aan te sluiten. De protestanten verliezen de strijd en Lotichius schrijft in deze periode veel gedichten over de oorlog. Lotichius wordt ziek een gaat weer terug naar Schlüchtern. Als hij augustus van 1547 weer naar Wittenberg wil om zijn studie voort te zetten, is deze universiteit vanwege de oorlog nog steeds gesloten. Daarom gaat Lotichius naar Erfurt.
In 1548 is het wel weer mogelijk om naar Wittenberg te gaan. Lotichius doet dit dan ook en krijgt in september van dit jaar zijn meestertitel. Tot 1550 blijft Lotichius in Wittenberg, maar krijgt geen verdere titels. In de periode waarin hij in Wittenberg is, komt hij zijn geliefde Claudia, over wie hij gedichten geschreven heeft, tegen.
Waarschijnlijk is hij in 1550 vertrokken naar Frankrijk omdat zijn geliefde Claudia de relatie beëindigd heeft. In 1551 wordt in Parijs, waar hij op dat moment is, zijn eerste boek met gedichten uitgegeven. Dit boek gaat vooral over zijn afkeur van de oorlog. In september reist hij door naar Montpellier om met zijn medicijnenstudie verder te gaan. Twee jaar later wordt in Lyon zijn tweede boek met gedichten uitgegeven. Uit deze periode, waarin Lotichius veel reizen maakte, komen de meeste gedichten over het reizen. Daarna reist hij met zijn studenten verder naar Avignon.
In de zomer van 1554 gaat Lotichius, weer vergezeld door zijn leerlingen, naar Duitsland, maar na de zomer gaat hij door naar Italië. Eerst gaat hij naar Padua, maar daarna naar Bologna, waar hij zijn medicijnenstudie afrondt. In Bologna is zijn derde boek uitgegeven. In 1556 wordt Lotichius vergiftigd met een soep die niet voor hem bedoeld is. Hij gaat dan terug naar Schlüchtern. Daarna wordt Lotichius, hoewel hij ziek blijft, professor in Heidelberg totdat hij op 3 november 1560 overlijdt.
Publicaties
1550 Parijs: Petri Lotichii Secundi Elegiarum Liber. Eiusdem Carminum Libellus ad D. Danielem Stibarum Equitem Francum. Lutetiae ex Officina Vascosani, Via Iacobaea.
1553 Lyon: Petri Lotichii Elegiarum Liber II. Eiusdem Venatro. Lugduni apud Ioann. Tornaesium.
1556 Bologna: Petri Lotichii Secundi Carminum Libellus. Apud Anselmum Giaccarellum.
1561 Leipzig (post mortem): Poemata doctrinae, eruditione, virtute et sapientia praesantis viri Petri Lotichii Secundi, artis medicinae clarissimi doctoris, quae passim edita, hoc libello compraehensa sunt, et nunc primum ista forma expressa. Lipsiae. In officina Ernesti Voegelini. Anno M.D.LXI
1563 Leipzig (post mortem): Poemata Petri Lotichii Secundi Solitariensis. Lipsiae, in officina Voegeliana
Bibliografie
Auhagen, U., Schäfer, E., Lotichius und die römische Elegie, Tübingen 2001
Guépin, J.P., Vermakelijkheden van liefde en dood. Zwanenzangen en heldinnenbrieven, Amsterdam 2002
Ludwig, W., 'Petrus Lotichius Secundus and the Roman elegists: prolegomena to a study of Neo-Latin elegy', in: R.R. Bolgar (ed), Classical Infuences on European Culture AD 1500-1700, Cambridge 1976, pp. 171-190
Weiss, J.M., 'The Rhetoric of Friendship. Joannus Hagius's "Life of Petrus Lotichius Secundus"', in: Colloquia germanica 17 (1984), pp. 220-234
Zon, S., Petrus Lotichius Secundus. Neo-Latin Poet, Bern 1983
Großeltern
Eltern
Geschwister
Kinder
Petrus II Lotichius | ||||||||||||||||||
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stamboom op MyHeritage.com
Familiesite: Meij Web Site
Stamboom: familie Meij