(1) Er ist verheiratet mit Bernardina Geger.
Sie haben geheiratet am 10. März 1881 in Nijmegen, er war 24 Jahre alt.
Kind(er):
Das Ehepaar wurde geschieden von 29. Dezember 1897 bei Akteplaats: Amsterdam.
(2) Er ist verheiratet mit Adriana Magdalena (Jeanne) Sprenger.
Sie haben geheiratet am 20. Januar 1898 in Amsterdam, er war 41 Jahre alt.
Kind(er):
Das Ehepaar wurde geschieden von 17. Juni 1904 bei Amsterdam.
Adrianus was actief in de socialistische vakbeweging en zat in de gevangenis wegens belediging van Koning Willem III.
Van Emmenes kreeg een opleiding als onderwijzer en was als zodanig werkzaam te Rijswijk in Gelderland. Al in die tijd kende hij de begeerte om alles wat arm was te verdedigen en zelfs te bevoordelen boven de bevoorrechten en gefortuneerden. Deze karaktereigenschap bracht hem evenwel in conflict met de hoofdonderwijzer en werd aanleiding hem te ontslaan.
Hij verbleef een aantal jaren in zijn ouderlijk huis en werkte als grondwerker. Dankzij zijn ontwikkeling bracht hij het tot onderbaas. Toen hij in de winter van 1885-1886 in Muiden werkte, bezocht hij een vergadering in het Volkspark te Amsterdam. Daar kwam hij voor het eerst in aanraking met de socialistische beweging. Vanaf dat moment zette hij zich met verdubbelde energie in tegen het onrecht dat de werkende klasse werd aangedaan.
Hij beschikte over oratorische gaven, die hij in zijn kwaliteit van grondwerker volledig benutte, totdat hij in 1887 werd ontslagen vanwege zijn revolutionaire gezindheid. In datzelfde jaar ging hij in Den Haag wonen en werd lid van de Sociaal Democratische Bond (SDB).
Hier richtte hij op 22 mei 1887 de Gravers- en Baggerliedenvereeniging op, waarvan hij enige jaren secretaris was. Toen in april 1888 een werkstaking uitbrak onder de polderwerkers aan het Tjongerkanaal, zond de Centrale Raad van de SDB Van Emmenes daarheen om de actie te leiden. Mede dankzij zijn optreden gelukte de staking. In aansluiting hierop werd hij door de werkstakers in de venen geroepen om hun acties te leiden in Hoornsterzwaag, Terwispel en Weststellingwerf.
Later in 1889 leidde hij nogmaals een staking bij Weststellingwerf en een in Appelscha. Tijdens de veenstakingen gaf hij zijn ogen en oren goed de kost en noteerde alle misstanden die hij tegenkwam. Mede aan de hand van zijn aantekeningen interpelleerde F. Domela Nieuwenhuis in de Tweede Kamer over de veenstakingen.
Zelf schreef Van Emmenes, die ook een gezocht spreker in het Noorden geworden was, zijn Open Brief aan Zijne Excellentie den Minister van Justitie Ruijs van Beerenbroek over de slavernij in de veenkoloniën (Den Haag 1889).
Großeltern
Eltern
Geschwister
Kinder
Adrianus (Janus) van Emmenes | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1881 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Bernardina Geger | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1898 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Adriana Magdalena (Jeanne) Sprenger | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Die angezeigten Daten haben keine Quellen.