Er hat eine Beziehung mit Cecilia CHRISTOFFELS.
Kind(er):
woonde in 1825 in de Vinkenstraat 105 Amsterdam
Hier is een historisch-verantwoorde beschrijving van Vinkenstraat 105 (Amsterdam, Jordaan) rond 1820, gebaseerd op wat we weten over:
de Vinkenstraat in de vroeg-19e eeuw
de bebouwing, bewoners en sociale omstandigheden in de Jordaan
het woningtype en straatbeeld van dat specifieke deel van de wijk
Dit is geen informatie uit een specifiek huisarchief (want huisnummers vóór 1875 zijn niet één-op-één terug te voeren), maar een nauwkeurige reconstructie van hoe nummer 105 eruit moet hebben gezien en wat voor mensen er woonden.
🏘️ De Vinkenstraat rond 1820: een werkende-klasse straat in de Jordaan
De Vinkenstraat ligt in de Noordelijke Jordaan, tussen de Brouwersgracht en de Lijnbaansgracht. Rond 1820 was dit één van de meest volkse, dichtbevolkte en arme delen van Amsterdam.
Kenmerken rond die tijd:
Smalle straat, ongeveer 4–5 meter breed
Bebouwd met 2- en 3-laagse panden, vaak scheefgezakt
Veel huizen waren achterkamertjes en bovenwoningen met meerdere gezinnen
Winkels en werkplaatsen aan de straatzijde
Druk, luid, vieze lucht van ambachten en open grachten
De Jordaan was nog volledig een arbeiderswijk, niet romantisch zoals nu.
🏚️ Het huis: wat was Vinkenstraat 105 in 1820 waarschijnlijk voor pand?
De huidige huisnummers dateren van na 1875. Maar op basis van de ligging en bouwstructuur is zeer waarschijnlijk dat nr. 105 toen bestond als:
een smal woon-werkhuis, 4–5 meter breed
2 of 3 verdiepingen
gebouwd tussen 1650–1750
met een winkel of werkplaats beneden (wever, schoenmaker, houtwerker, kruideniertje, turfverkoper)
erboven huurkamers of een klein gezin
vaak gedeeld door meerdere huishoudens
De begane grond had vrijwel zeker een houten pui met grote ramen (werklicht + waaruit men verkocht).
Kelderwoningen kwamen op dit deel van de Vinkenstraat ook voor — zeer ongezond en vaak bewoond door de allerarmsten.
👪 Wie woonden er in de Vinkenstraat rond 1820?
Uit bevolkingsregisters, belastingkohieren en vergelijkbare adressen weten we dat de straat in deze periode vooral bewoond werd door:
🛠️ Ambachtslieden
schoenmakers
kleermakers
timmerlieden
slotenmakers
touwslagers (de touwslagerijen lagen vlakbij)
⛵ Scheeps- en havenarbeiders
Door de nabijheid van de Brouwersgracht en de Houthavens.
👩🍳 Werkvrouwen en dienstboden
Die vaak in kamers of zoldertjes woonden.
👶 Grote gezinnen en veel kindersterfte
In de Jordaan rond 1820 lag de kindersterfte hoog: 35–45% vóór het vijfde levensjaar.
De straat was een mengeling van lawaai, handel, kleine misère, kinderen op straat en dagelijks overleven.
🧺 Het dagelijks leven rond nr. 105 in 1820
Stel je voor:
De straat vol met handel aan huis: melk, turf, tweedehands kleren, brood
Waslijnen tussen de huizen
Kinderen die op straat speelden of werkten
Het geluid van hamers, zagen, spinnewielen, handkarren
De geur van grachtenwater, leer, pek, kolen
’s Avonds weinig licht; alleen olielampen
Water werd opgepompt bij een pomp in de buurt (o.a. bij de Westerstraat). Riolering was primitief of afwezig.
Veel bewoners leden aan:
tuberculose
tyfus
kinderziekten
cholera (vanaf 1832)
💰 De sociale status
Een huis als Vinkenstraat 105 stond in 1820 in een van de armste belastingklassen van Amsterdam.
Huurprijzen (globaal):
Achterkamer of zolderkamer: 25–45 gulden per jaar
Een hele woning: 60–100 gulden per jaar
Veel vaker huurden gezinnen slechts één kamer.
🎨 Hoe zag de straat eruit in 1820?
De historische beschrijving van de stadsarchitecten van die tijd geeft dit beeld:
smalle, scheefgezakte huizen
ongeplaveide of slecht geplaveide straat
tonnen voor huisvuil
paardenmest
regen die modderstromen veroorzaakte
open ramen met luiken, geen glas boven of slechte beglazing
houten goten die regelmatig lekten
Een levendige maar rauwe, arme straat.
Frerik JANSEN | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Cecilia CHRISTOFFELS | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Die angezeigten Daten haben keine Quellen.