Er ist verheiratet mit Anna Helena Berg.
Sie haben geheiratet im Jahr 1852, er war 26 Jahre alt.
Een huiveringwekkende reis
De halfbroers Johannes Klumper en Adolf Lohuis vertrokken naar Ohio om een behoorlijk bestaan op te bouwen. De jongemannen waren in Coevorden geboren. Nadat moeder Margaretha Plas was hertrouwd met Johannes Gerhardus Lohuis vestigde men zich aanvankelijk in Avereest en later aan de Dedemsvaart in de gemeente Ambt Hardenberg. Nadat vader Lohuis in juni 1852 was gestorven, trok hun pasgetrouwde broer Albertus met zijn vrouw bij hen in. Hij kon zo de zorg op zich nemen voor zijn moeder en zijn nog jonge zusje Femia. De Rooms-Katholieke broers waren arbeiders aan de Dedemsvaart. Jan was 34 jaar oud en had verkering met Maria Katharina Wesseling. Zijn halfbroer Adolf was 27 en ging om met Anna Helena Berg. Van Adolf weten we dat hij kort voor zijn vertrek huwde, maar of Jan hier ook is getrouwd, is niet helemaal duidelijk. Het staat wel vast dat ze met hun vrouwen naar Amerika vertrokken op het schip New-England. Op zondag 30 oktober 1853 zeilden ze uit Bremerhaven om nagenoeg twee maanden later bij Slaughterhouse Point in New Orleans, Louisiana voor anker te gaan. Het werd een afgrijselijke tocht. Het schip vervoerde 465 passagiers, hoofzakelijk jongeren uit het Hannoverse, die 23 Amerikaanse dollars hadden neergeteld voor de overtocht. Uit een bewaard gebleven brief bleek dat ze pas de tweede dag voor het eerst een beetje voedsel kregen. Een van de opvarenden was August Dreseler, een 21-jarige schoenmaker op weg naar St. Louis. Deze schreef aan zijn ouders: We kregen ongeveer vier ons vlees, wat veel te weinig was. Vanaf de derde dag kregen we elke morgen om 10 uur een kopje koffie en 's middags tussen vier en vijf een beetje stamppot. Het was zo weinig dat we het amper konden weervinden. We kregen de eerste drie weken geen water te drinken, toch hadden we daar wel voor betaald. Er was een scheepstimmerman, een afschuwelijke vent met een hart van steen, die het eten moest uitdelen. In de laatste week hadden we 90 vaten water aan boord en toen een zieke vrouw die stervende was, hem vroeg om een slokje water, opende hij zijn broek met de bedoeling ... Ja, hij behandelde de mensen heel wreed. Welnu lieve ouders, dit is genoeg, ik zou boeken vol kunnen schrijven over de verschrikkelijke manier waarop we behandeld zijn. Ik kan jullie verzekeren dat van de 110 gestorven mensen op ons schip de meesten zijn bezweken door gebrek aan water. En nu lieve ouders moet ik jullie het droeve bericht meedelen dat mijn zuster Wijchen (Lewa Dreisser) ook is gestorven, op 12 november om halfnegen, na ontzettend te hebben geleden. Ze heeft Amerika nooit gezien, misschien wel tot haar eigen bestwil. Mevrouw Hagemann stierf op de vijftiende november en haar zoon op de 21ste, evenals Fritz Kulmann. Toen we in New Orleans arriveerden gingen we direct naar de German Society en dienden een klacht in tegen de kapitein en diens gehele bemanning. Ze werden allen meteen gearresteerd. De kapitein betaalde een grote borgsom, anders had hij ook direct naar de gevangenis gemoeten. Het schip werd in beslag genomen en zal waarschijnlijk worden verkocht. Ik wil niemand ontmoedigen om naar Amerika te gaan, maar evenmin zou ik iemand willen aanmoedigen.
De halfbroers Klumper en Lohuis en hun vrouwen komen niet op de sterftelijsten van de New-England voor.
Großeltern
Eltern
Geschwister
Kinder
Die angezeigten Daten haben keine Quellen.