Amsterdam, 2 juli 1907
Auschwitz, 24 maart 1944
Beursbediende
Bereikte de leeftijd van 36 j
Er ist verheiratet mit Rebecca van Rooyen.
Sie haben geheiratet.
Kind(er):
Gezin Abraham Matteman
Definitieve verwijdering van joden uit de maatschappij en hun systematische eliminatie door genocide. Tot de Endlösung werd besloten tijdens de Wannseeconferentie. De term is bedacht door Adolf Eichmann.
Hollandse Schouwburg in de Amsterdamse Plantagebuurt van waaruit joden uit Amsterdam en omgeving zijn weggevoerd.
Het theater was in 1941 onder de naam Joodse Schouwburg één van de weinige plekken waar joodse artiesten mochten optreden en waar joden als publiek mochten vertoeven. Alle andere uitgaansgelegenheden waren voor joden verboden.
Vanaf oktober 1942 werd de Schouwburg, die geassocieerd werd met ontspanning en vermaak, bestemd tot verzamelplaats van Amsterdamse joden. Na ontvangst van een oproep voor Arbeitseinsatz moest men zich daar melden. Het gebeurde ook dat bij razzias grote groepen joden bij de Schouwburg werden afgeleverd.
Na een kort verblijf in de Schouwburg werden zij met achtereenvolgens tram en trein naar Westerbork vervoerd. In de periode tot september 1943 hebben 60.000 tot 80.000 joden op deze manier Amsterdam verlaten.
De interne coördinatie van de Hollandse Schouwburg was door de Joodse Raad toevertrouwd aan Walter Süskind. Voor de jongste kinderen organiseerde hij een crèche aan de overkant van de straat.
Tegenwoordig is de Hollandse Schouwburg een monument,
----------------------------------------------------------------------------------------------------------
Gezin Matteman woonde in de Diezestraat 24 I, Amsterdam »Situatie in februari 1941
Situtatie mei 1942 Nieuwe Kerkstraat 35 Amsterdam 2 Op dit adres is Greta geboren. Zie geboorte acte.
Abraham Matteman » Amsterdam, 2 juli 1907 Auschwitz, 24 maart 1944
Gezinshoofd
Rebecca Matteman-van Rooijen »Amsterdam, 1 september 1909
Auschwitz, 17 september 1943
Echtgenote
Vera Matteman » Amsterdam, 22 januari 1938
Auschwitz, 17 september 1943
Dochter
Gele Davidster met de letter J die joden zichtbaar op hun kleding moesten dragen. Op 29 april 1942 werd het dragen van de ster voor alle joden, vanaf zes jarige leeftijd, verplicht gesteld. De ster zorgde voor een absolute stigmatisering en uitsluiting van joden. Geen gehoor geven aan de verordening was bijzonder riskant door de nauwkeurige persoonsregistratie en de verplichting tot het dragen van een identiteitsbewijs, waarin voor joden een J was geplaatst. Als joden werden betrapt zonder de ster konden zij onmiddellijk als strafgeval op transport worden gesteld.
Duitse naam voor de Zuid-Poolse plaats Oswiecim waar een concentratiekamp was gevestigd. Aanvankelijk was het kamp, dat in 1940 gebouwd is, bedoeld voor Poolse politieke gevangenen. Later werden er politieke gevangenen uit verschillende landen naar het kamp gedeporteerd. Zij stierven door uitputting, honger, besmettelijke ziektes, te zwaar werk of werden direct na aankomst doodgeschoten.
Eind maart 1941 werd op enkele kilometers van Auschwitz het vernietigingskamp Birkenau gebouwd. Vanaf 1942 werd Auschwitz-Birkenau het grootste concentratie- en vernietigingskamp voor joden in Europa. Mannen, vrouwen en kinderen werden na aankomst meteen vergast of langzaam ter dood gebracht door onmenselijk zwaar werk, te weinig eten en martelingen. Naar schatting 1,5 miljoen joden zijn omgebracht in Auschwitz-Birkenau
Doorgangskamp op de Drentse hei. Kamp Westerbork is in 1938 gebouwd op kosten van de joodse gemeenschap in Nederland als opvangkamp voor Duits-joodse vluchtelingen, maar kreeg op 1 juli 1942 de officiële status van doorgangskamp. Het kamp kwam toen onder het gezag te staan van de bevelhebber van de Sicherheitspolizei en de SD. Vanuit Westerbork werd het grootste deel van de bijna 107.000 weggevoerde joden naar het Oosten gedeporteerd.
Ook enige honderden Sinti en enkele tientallen (niet-joodse) verzetsstrijders zijn via Westerbork gedeporteerd. Aanvankelijk vertrokken de treinen vanaf het station in Hooghalen, later werd de spoorlijn doorgetrokken tot in het kamp zelf.
Het kampleven was vol psychische en fysieke ontberingen. De gevangenen woonden in barakken, mannen en vrouwen gescheiden, waar nauwelijks ruimte was en zeker geen plaats voor privacy. De hygiënische omstandigheden lieten te wensen over, er waren luizen en vlooien, en ook het voedsel was slecht. Er waren speciale strafbarakken, waar onderduikers in terecht kwamen. Tegelijkertijd werden er cursussen gegeven in het kamp, konden er boodschappen gedaan worden met 'kampgeld' en liet kampcommandant Albert Konrad Gemmeker regelmatig getalenteerde joodse artiesten en musici optreden. Sommige gevangenen hadden baantjes in het kamp en hoopten op die manier van deportatie vrijgesteld te worden.
Aanvankelijk vertrokken de treinen naar het Oosten met een onregelmatig 'dienstrooster'. Vanaf februari 1943 was er iedere dinsdag een transport. De selectie van gevangenen die mee moesten op transport, werd gemaakt onder supervisie van de kampkommandant.
93 treinen zijn van hieruit naar het Oosten vertrokken, de meeste naar Auschwitz, maar in de periode van maart tot juli 1943 gingen er ook transporten naar Sobibor.
Abraham Matteman | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Rebecca van Rooyen | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Die angezeigten Daten haben keine Quellen.