Familienstammbaum Hakkert » Arend Tjeerds (1730-1799)

Persönliche Daten Arend Tjeerds 


Familie von Arend Tjeerds

Er ist verheiratet mit Sjieuwke Sybolts Frieswijk.

Sie haben geheiratet.

----------------------------------------
Arie Hakkert

De zoon van Arie Hakkert en Hilligje Ruinen, Werner Willem (onderwijzer) was gehuwd met de zus van mijn (paternal) grootvader Gerritdina Johanna Hendrika Muench, dus hun dochter Hilligje Gezina Hakkert (geboren in Nederlands Indie) en mijn vader Johan Muench waren nicht en neef. Mijn grootvader's naam was Lodewijk Karel Philippus Muench gehuwd met Louise Zoe Juliette Mac Gillavry. Hij was administrateur van de suiker omderneming 'Kemanglen' bij Tegal in Centraal Java. My grandparents took 'Tante Hilly' (to me) in when both her parents died on Java. 'Tante Hilly' en haar man 'Oom Jo' Moret took us in when we (my father, pregnant mother, sister and I) arrived 'berooid' in Holland from Indonesia after the War in August 1946. Hilligje Gezina Moret-Hakkert is named after both her grandmothers, Geziena Muench-van Heek and Hilligje Hakkert-Ruinen. Muench (with umlaut) was spelled Munch after the War. If you need more information, you can certainly write me in
Dutch--ik lees en versta het uitstekend, maar schrijven en spreken zijn moeilijker en gaan te langzaam.

Ingrid Frank
QUAY

Kind(er):

  1. Tjeerd Arends Arendz  1755-1822 
  2. Jitkse Arends  1758-1825
  3. Douwe Arends Frieswijk  1763-1811 


Notizen bei Arend Tjeerds

----------------------------------------
Arie Hakkert

De zoon van Arie Hakkert en Hilligje Ruinen, Werner Willem (onderwijzer) was gehuwd met de zus van mijn (paternal) grootvader Gerritdina Johanna Hendrika Muench, dus hun dochter Hilligje Gezina Hakkert (geboren in Nederlands Indie) en mijn vader Johan Muench waren nicht en neef. Mijn grootvader's naam was Lodewijk Karel Philippus Muench gehuwd met Louise Zoe Juliette Mac Gillavry. Hij was administrateur van de suiker omderneming 'Kemanglen' bij Tegal in Centraal Java. My grandparents took 'Tante Hilly' (to me) in when both her parents died on Java. 'Tante Hilly' en haar man 'Oom Jo' Moret took us in when we (my father, pregnant mother, sister and I) arrived 'berooid' in Holland from Indonesia after the War in August 1946. Hilligje Gezina Moret-Hakkert is named after both her grandmothers, Geziena Muench-van Heek and Hilligje Hakkert-Ruinen. Muench (with umlaut) was spelled Munch after the War. If you need more information, you can certainly write me in
Dutch--ik lees en versta het uitstekend, maar schrijven en spreken zijn moeilijker en gaan te langzaam.

Ingrid Frank
QUAY
Arend Tjeerds was boer in Twijzel, daarna in Noorder Drachten, hij was doopsgezind in godsdienst, in 1787 gecommitteerde in Twijzel, blijkens een inscriptie op de in 1943 door de Duitsers geroofde kerkklok.
Hij was liefdesprediker bij de doopgezinden in Drachten van 1772-1783, in 1795 had Arend Tjeerds de leiding van de omwenteling. Hij was een vurig patriot, werd lid van de municipaliteit en werd gekozen tot plaatsvervangend volksrepresentant van Friesland.
Lees verder over de Arend Tjeerds en zijn zoon Tjeerd Arendz in “De Leistra’s en verwante geslachten, Andrieske Leistra en W. Tsj. Vleer,1962:
Reeds in 1748 was het in het noorden van Nederland onrustig geweest. Toen was voor de eerste maal het volk en speciaal de boeren-stand in opstand gekomen tegen het door hen gehate regiem. De belastin gen waren in die tijd van veepest en strenge winters veel te hoog en het volk kon niet meer opbrengen wat er werd gegist.
Overigens had het "gewone volk" geen verstand van politiek, was eeuwenlang onmondig geweest, telde nauwelijks mee. Van verzet was nimmer sprake, want adel en kerk waren machtig genoeg om elk verzet te breken. Godsdienstvrijheid was er ook na de reformatie niet gekomen. Nog steeds waren katholieken en doopsgezinden een soort tweede rangs burgers. Menniste en Roomse boeren, die op stemgerechtigde boerderijen woonden, konden niet verkozen worden, want alleen de leden van de Gere-formeerde staatskerk hadden het recht zitting te nemen in openbare be-sturen.
Nog in het begin van de 18e eeuw moesten de doopsgezinden uit de gemeente Grijpskerk naar Friesland vluchten, vanwege de openlijke vervolging die daar heerste. Toen kwam ook Albert Sybolts Frieswijk naar Drachten.
Na 1748 werd het weer rustig, daar verschillende eisen waren ingewilligd. Toch leefde er sinds dat jaar iets onder het volk dat wees op een politiek mondig worden van ontwikkelde boeren en burgers. Het feit, dat in de "Wandelingen van mijnen oudoom” verteld wordt van boer Oosterhof te Eestrum, die met anderen, o.a. de dorpsrechter, over de staatszaken sprak, wijst er duidelijk op.
Langzamerhand kwam dan ook een partij naar voren die bewust tegen de bestaande toestanden was en recht eiste voor allen. Deze partij was anti-oranje, anti-adel en tegen de macht van de staatskerk. DB geest, die in Frankrijk naar de oppervlakte kwam, sloeg over naar Nederland. Het waren vooral de niet-adellijke intellectuelen, de gegoede boeren en middenstanders van doopsgezinde, remonstrantse en katholieke gezindte die vrijwel eensgezind de nieuwe partij, bekend als de partij van patriotten, steunden. Maar ook onder dezelfde soort lieden van gereformeerde huize kregen de patriotten aanhang.
Het vertrouwen in het Oranjehuis, dat sedert Willem Lodewijk in Friesland onafgebroken geregeerd had, was menigmaal diep geschokt geworden Vooral in Groninger Westerkwartier en Oostelijk Friesland wist het volk hoe in 1731 de grietman van Oosterdeel-Langewold, Rudolf de Mepsche, 21 onschuldige mensen had laten worgen en verbranden. Men wist dat deze grietman-landjonker, die geen oppositie duldde, een Vriend van de stadhouder was, die hem na deze misdaad zelfs 20.000 gulden schonk, omdat hij de bezittingen van de arme slachtoffers niet had kunnen confiskeren, daar een volksopstand dreigde.
Groot was de willekeur: Het recht was altijd aan de kant van de adel en het geld. Ook in Friesland, waar gelukkig een Hof was waarop iemand, die door de grietman veroordeeld was, zich kon beroepen, werd nimmer iemand van de adel veroordeeld, maar waren het steeds de "arme luyden" over wie het vonnis geveld werd.
Met een grote schijnheiligheid en huichelachtigheid werd het volk voorgehouden hoe het moest leven, maar wanneer wij even een tipje van de sluier oplichten die er over de leefwijze van de regen -ton hing, dan wordt men misselijk bij zoveel losbandig leven.
Het aantal gereformeerde predikanten die werden geschorst of uit hun ambt ontzet wegens drankmisbruik, ontucht enz. is haast niet te tellen. Kortom in de 17e en 18e eeuw heersten er in Friesland toestanden, die nauwelijks beter water dan vóór de reformatie, Maar in het midden der 18e eeuw, wanneer de veepest boeren en arbeiders te gronde heeft gericht, verrijzen er naast de adellijke landhuizen in oranjewoud en Beetsterzwaag de pauperkolonies als Zwaagwesteinde, Harkema Opeinde, Jubbegaster Compagnie enz.
Er was dan ook wel degelijk een reden dat het volk zich afkeerde van het bestaande regiem en de haat tegen de Oranje's eerder groter werd dan de liefde er voor. Omstreeks 1780 werd de partij van de patriotten, onder aanvoering van Coert Lambertus van Beijma, een sterke macht in Friesland. Deze macht won nog aanzienlijk in betekenis door het vormen van exercitie-genootschappen, welke we zouden kunnen vergelijken met de W.A. uit de N.S.B. tijd.
In het najaar van 1785 stond zelfs het Hof van Friesland aan de zijde der patriotten, ofschoon de leden niet tot die partij behoorden, maar eveneens de stadhouder Willem V verafschuwden. Het werd toon strafbaar geacht wanneer iemand Oranje-boven riep en een aantal veroordelingen zijn te vinden in de Criminele sententies van het Hof.
In 1787 werd te Franeker een patriotten-regering gevormd, terwijl in Leeuwarden een regering Van prinsgezinden de macht in handen had. Door het oprukken van de Pruisische troepen werden de Franeker patriotten gedwongen het land te ontvluchten. De leiders zochten hun toevlucht in Frankrijk. Vanaf de herfst van dat jaar had de Oranjepartij in Friesland, zoals ook elders, de nacht vieer stevig in handen, maar juist daardoor werden de patriotten sterker. Een soort ondergrondse bereidde het moment voor wanneer de macht kon worden overgenomen.
In Drachten treffen we onder de patriotten‑leiders de liefdeprediker der doopsgezinden aan: Arend Tjeerds, * 1730 te Twijzel, sedert 1786 gehuwd met zijn tweede vrouw Wytske Johannes, maar eerder man van Sjieuwke Sybolts Frieswijk.
Overtuigd doopsgezind zijnde had Arend Tjeerds wel degelijk ondervonden wat het zeggen wilde niet voor "Vol" te worden aangezien. Hij was doopsgezind geworden door zijn huwelijk met Sjieuwke. Zijn vader was dorpsrechter in Twijzel geweest. Zijn broer was dorpsrechter in Opeinde en bijzitter van Smallingerland, maar Arend kon dergelijke functies niet vervullen, ofschoon hij in 1787 gecommiteerde van Twijzel was geweest, een bewijs hoe groot het vertrouwen van de meren.deels gereformeerde bevolking toch in hem was.
Deze man was het die met L.Cornelis, E.Radinga, H.G. Landmeter en H.Annes in de februaridagen van 1795 do vrijheid, gelijkheid en broederschap in Drachten proclameerde. Hij was het die bij het dansen om de vrijheidsboom tegenwoordig was. Voor hem en de anderen vluchtte dr‑, grietman Hector Livius van Haersma uit zijn woning in Oudega naar de Mennisten‑polle aan de zuidkant van de Oudegaster Zanding, waar hij onderdook en de schoolmeester Durk Abrahams Nicolai hem te eten gaf.
Maar de patriotten ontdekten de schuilplaats. De ex‑grietman werd gevangen genomen en overgebracht naar de gevangenis in Leeuwarden. Zeer zeker zou hij terechtgesteld zijn wanneer er geen Franse troepen waren geweest, die gematigder waren dan de verhitte patriotten in Friesland en deze en andere grietmannen van een wisse dood wisten te redden.
We kunnen ons indenken hoe groot in 1795 de vreugde bij de meerderheid van de bevolking geweest is en respecteren de politieke gevoelens van de mannen, die zorgdroegen dat voor het eerst in Nederland het volk zekere democratische rechten verkreeg. Zij maakten in ieder geval een einde aan de macht Van de staatskerk en de adel. Minder is het te respecteren dat deze mensen weldra in de voetsporen van hun tegenstanders wandelden. door alle politieke activiteit tegen hen te gaan verbieden en in hun blinde woede zover te gaan de familiewapens van de grafzerken te hakken en de grafkelder van de Oranje's in Leeuwarden te ledigen, om de schooljongens te laten voetballen met de schedels van deze eens geachte, toen verachte en later weer zeer geachte leden van ons Oranjehuis.
Toch moeten we ons even inleven in de tegenstellingen van die dagen om te kunnen begrijpen hoe een achtenswaardig familielid als Arend Tjeerds zo'n grote rol speelde in een partij, die vandaag de dag vaak ten onrechte vereenzelvigd wordt met het nationaalsocialisme of communisme. Een partij, die in haat tegen het vorstenhuis misschien beide laatstgenoemden evenaarde of zelfs overtrof.
Lang heeft Arend zich niet kunnen wijden aan de opkomst van de jonge Bataafsche Republiek, want zijn gezondheidstoestand werd steeds slechter en hij overleed op 12 aug. 1799. Misschien was zijn idealisme toen al een gevoelige slag toegebracht, want de onenigheid in de partij tussen federalisten en unitaristen was toen minstens even sterk als de onenigheid tussen patriotten en prinsgezinden in de tachtiger jaren van de 18e eeuw.
Niettemin is de familie van Arend Tjeerds gedurende de hele Franse tijd trouw gebleven aan de beginselen. In hoeverre de Leistra's daaraan ook hebben meegewerkt is niet bekend. Wel weten we dat Tjeerd Liebbes Leistra (V.10) tot maire (burgemeester) van de gemeente Oudega werd benoemd, maar dat hij bedankte voor dit ambt. Het ligt eigenlijk in de lijn der verwachtingen, dat ook zij aan de kant van de patriotten hebben gestaan.
Tjeerd, Arendz volgde zijn vader op. Hij werd lid van het gemeentebestuur en toen in 1810 Napoleon Nederland inlijfde bij Frankrijk was dit geen reden voor Tjeerd zich terug te trekken. Integendeel, op 11 december 1811 werd Sytze Fokkes Reiding benoemd tot maire en Tjeerd Arendz tot adjunct‑maire van de pas opgerichte gemeente Drachten. Op 9 aug, 1813 bedankte Reiding voor zijn functie en op 16 aug. werd Livius van Vierssen zijn opvolger.
Van 9 aug.‑ 16 aug. was Tjeerd Arendz waarnemend maire van Drachten. Tijdens deze korte bewindsperiode viel de 15e augustus, verjaardag van keizer Napoleon. Onder Tjeerds verantwoording werd deze verjaardag Gevierd, iets wat we zouden kunnen vergelijken niet de verjaardag van Hitler in bezet Nederland anno 1943. op 16 aug. 1813 werd aan de onder‑prefect rapport uitgebracht over deze viering en daaruit citeren wij:
"Des morgens vroeg kondigden de op de Kerkgebouwen uitgestoken vlaggen dit feest aan. De maire met zijn adjuncten en den griffier, benevens de leden van den municipalen raad vervoegden zich te half negen aan het huis der gemeente. In optogt begaf men zich daarop (versterkt met den bode en de veldwachters) naar de kerken der onderscheidene godsdienstige Gezindheden. Daar heeft men de door de predikanten bepaalde en afgelezen gezangen gezongen, waartoe de predikanten door den maire waren aangezocht. De ingezetenen hadden hun vreugde aan de dag gelegd met het luiden der klokken tot aan den avond toe."
Het lijkt ons onbegrijpelijk hoe deze verjaardag een feest kon worden, terwijl het grootste deel van de bevolking in de steden honger leed, duizenden Nederlanders waren omgekomen op de Russische sneeuwvelden, de Franse troepen tot in Midden‑Duitsland hadden moeten terugtrekken ...... Toch gebeurde dit en we kunnen daaruit naar één conclusie trekken, nl. deze: dat zelfs in die dagen op het platteland‑in Friesland een groot deel der bevolking nog pro‑frans was en een klein deel hoopte op de nederlaag van Napoleon en een terugkeer van de "goede" koning Lodewijk Napoleon of van .... Oranje. De meerderheid van de bevolking zal echter passief geweest zijn.
Nog werd in Drachten de luisterrijke overwinning bij Dresden gevierd (3 okt.1813), maar toen kwamen de geruchten: Napoleon verslagen bij Leipzig ..... Terugtocht van de Fransen. De kozakken reeds in Bremen ..... Maar ook toen gingen de overheidspersonen onverstoord door. De rechters straften de delicten of er niets aan de hand was en we zouden wel eens willen weten hoe Tjeerd Arendz zich in die dagen gevoeld heeft .....
Zaterdag 13 november 1813 ‑ Grote schrik maakte zich meester van de Fransen in Groningen. De tijding, dat de Russen voor de Eems lagen en de kozakken al in Zwolle waren, deed de Fransen hals over kop hun kwartieren verlaten en naar het westen vluchten. De zondag, maandag en dinsdag daarop volgend trokken stromen Fransen op Leeuwarden en Harlingen aan.
Zoals overal, kwam nu het gepeupel op straat om mis­bruik te maken van de tijdelijke regeringsloosheid. In hoofdzaak hadden zij het op de tabaksmagazijnen en de goederen van de pro‑Franse ingezete­nen voorzien. Onder de mom van Oranje boven trachtten zij hun slag te slaan. Maar de maire en adjunct‑maire wisten de baas te blijven. Met nog 60 bewapende burgers werd gepatrouilleerd en daarmee was de "opstand" de kop ingedrukt.
Waarschijnlijk zijn op donderdag 18 november kozakken in Drachten geweest. Hoeveel is niet bekend, maar er is een rekening Van bewaard gebleven. In elk geval werd die dag in Leeuwarden een Rus­sisch militair commando gevormd, dat de macht in handen nam. Alle maire's en ambtenaren waren verplicht op hun posten te blijven, doch liet dragen van oranje etc. werd toegestaan. Het is wel een heel vreemde bevrijding geweest vergeleken bij 1945, want dit betekende dat de progressieven aan­ de "verkeerde" kant stonden, Franse overheidspersonen over het algemeen bleven regeren, tenzij zij het al te bont hadden gemaakt.
Wat er intussen met maire Van Vierssen gebeurd is weten we niet, maar weldra werd Tjeerd Arendz schout (burgemeester) Van Drachten. Hij bleef dit tot 1816, toen de grietenij Smallingerland weer hersteld werd. Hector Livius van Haersma werd nu grietman en Tjeerd Arendz assessor (wethouder). In 1817 werd hij benoemd tot vrederechter (kantonrechter) van het arrondissement Beetsterzwaag welke functie hij tot 1819 bekleedde. De laatste jaren van zijn levert was hij ambteloos burger.
Deze twee leden van de familie Arendz stonden in een roerige tijd aan het hoofd van Drachten. Er zijn historici die geneigd zijn dergelijke mannen het predikaat "landverrader" toe te kennen. Maar wij moeten deze mannen zien in hun tijd. Zonder de omwenteling van zou wellicht Nederland nog jarenlang gebleven zijn in handen van een gezag dat wij allerminst kunnen eerbiedigen.
Zij, de mensen van de omwenteling in 1795, en zovelen na hen hebben bijgedragen tot het vormen van een werkelijk democratischbestuur tot het verkrijgen van sociale rechtvaardigheid, tot het burger‑recht voor iedereen.
Het is jammer dat dit toen moest gebeuren onder een Fran­se bezetting, maar dat kon nu eenmaal niet anders. Zonder twijfel hebben zij de leuze van die dagen: vrijheid, gelijkheid en broederschap, eerlijk gemeend, want daar was hun godsdienstige overtuiging borg voor. Wellicht zal het niet vervullen van dit ideaal hen geschokt hebben en misschien ligt ook hierin de verklaring opgesloten, dat Tjeerd Arendz niet alleen diende onder Napoleon, maar ook daarna onder het Huis van Oranje, dat door hem en de zijnen eens verguisd en gehaat was.
De weg naar een betere toekomst ging toen niet. over rozen. Ons oordeel mag niet hard zijn over mensen, die naar onze mening aan de “verkeerde” kant stonden.

Haben Sie Ergänzungen, Korrekturen oder Fragen im Zusammenhang mit Arend Tjeerds?
Der Autor dieser Publikation würde gerne von Ihnen hören!


Zeitbalken Arend Tjeerds

  Diese Funktionalität ist Browsern mit aktivierten Javascript vorbehalten.
Klicken Sie auf den Namen für weitere Informationen. Verwendete Symbole: grootouders Großeltern   ouders Eltern   broers-zussen Geschwister   kinderen Kinder

Mit der Schnellsuche können Sie nach Name, Vorname gefolgt von Nachname suchen. Sie geben ein paar Buchstaben (mindestens 3) ein und schon erscheint eine Liste mit Personennamen in dieser Publikation. Je mehr Buchstaben Sie eingeben, desto genauer sind die Resultate. Klicken Sie auf den Namen einer Person, um zur Seite dieser Person zu gelangen.

  • Kleine oder grosse Zeichen sind egal.
  • Wenn Sie sich bezüglich des Vornamens oder der genauen Schreibweise nicht sicher sind, können Sie ein Sternchen (*) verwenden. Beispiel: „*ornelis de b*r“ findet sowohl „cornelis de boer“ als auch „kornelis de buur“.
  • Es ist nicht möglich, nichtalphabetische Zeichen einzugeben, also auch keine diakritischen Zeichen wie ö und é.



Visualisieren Sie eine andere Beziehung

Die angezeigten Daten haben keine Quellen.

Anknüpfungspunkte in anderen Publikationen

Diese Person kommt auch in der Publikation vor:

Historische Ereignisse

  • Die Temperatur am 12. August 1799 war um die 20,0 °C. Es gab 22 mm NiederschlagDer Wind kam überwiegend aus Süd-Westen. Charakterisierung des Wetters: zeer betrokken. Quelle: KNMI
  •  Diese Seite ist nur auf Niederländisch verfügbar.
    De Republiek der Verenigde Nederlanden werd in 1794-1795 door de Fransen veroverd onder leiding van bevelhebber Charles Pichegru (geholpen door de Nederlander Herman Willem Daendels); de verovering werd vergemakkelijkt door het dichtvriezen van de Waterlinie; Willem V moest op 18 januari 1795 uitwijken naar Engeland (en van daaruit in 1801 naar Duitsland); de patriotten namen de macht over van de aristocratische regenten en proclameerden de Bataafsche Republiek; op 16 mei 1795 werd het Haags Verdrag gesloten, waarmee ons land een vazalstaat werd van Frankrijk; in 3.1796 kwam er een Nationale Vergadering; in 1798 pleegde Daendels een staatsgreep, die de unitarissen aan de macht bracht; er kwam een nieuwe grondwet, die een Vertegenwoordigend Lichaam (met een Eerste en Tweede Kamer) instelde en als regering een Directoire; in 1799 sloeg Daendels bij Castricum een Brits-Russische invasie af; in 1801 kwam er een nieuwe grondwet; bij de Vrede van Amiens (1802) kreeg ons land van Engeland zijn koloniën terug (behalve Ceylon); na de grondwetswijziging van 1805 kwam er een raadpensionaris als eenhoofdig gezag, namelijk Rutger Jan Schimmelpenninck (van 31 oktober 1761 tot 25 maart 1825).
  • Im Jahr 1799: Quelle: Wikipedia
    • 20. Februar » Der Blackbrook-Staudamm bei Blackbrook und Shepshed in Leicestershire, Großbritannien bricht und überflutet die gesamte Umgebung.
    • 21. März » In der Schlacht bei Ostrach, der ersten Kampfhandlung im Zweiten Koalitionskrieg, schlägt die österreichische Armee unter Führung von Erzherzog Karl von Österreich-Teschen in Süddeutschland eingedrungene französische Truppen unter General Jean-Baptiste Jourdan.
    • 4. Juni » Im Zweiten Koalitionskrieg besiegen österreichische Truppen unter dem Kommando von Erzherzog Karl in der Ersten Schlacht von Zürich die von André Masséna befehligte französische Armee in der Schweiz.
    • 14. Juni » Die Oper La Nouvelle au camp ou Le Cri de vengeance von Henri Montan Berton wird an der Opéra-Comique in Paris uraufgeführt.
    • 6. Juli » Ranjit Singhs 25.000 Mann starten ihren Marsch in Richtung Lahore, um den Punjab unter seiner Führung zu vereinen.
    • 25. Juli » An der Spitze des französischen Heeres gewinnt Napoleon Bonaparte die Landschlacht von Abukir in Ägypten gegen eine osmanische Streitmacht.


Gleicher Geburts-/Todestag

Quelle: Wikipedia



Die Familienstammbaum Hakkert-Veröffentlichung wurde von erstellt.nimm Kontakt auf
Geben Sie beim Kopieren von Daten aus diesem Stammbaum bitte die Herkunft an:
A. Hakkert , "Familienstammbaum Hakkert", Datenbank, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-hakkert/I563.php : abgerufen 2. Januar 2026), "Arend Tjeerds (1730-1799)".