Bron 2: https://www.delpher.nl/nl/boeken/view?coll=boeken&identifier=MMSFUBA02:000011445:00076
Begraven in de nieuwe kerk
Er ist verheiratet mit Grietje (Griet(g,i)e(n)) Garbrant (Gerbrant) Claes Banningdochter Bennink (Banning(ck)).
Sie haben geheiratet am 29. Juni 1564, er war 32 Jahre alt.Quelle 2
Onder huwelijkse voorwaarden
Kind(er):
Hieronder de belangrijste gegevens, de gehele tekst van de heer de Bont is hier te vinden: https://www.delpher.nl/nl/boeken/view?coll=boeken&identifier=MMSFUBA02:000011445:00076
De Bont:
Toen Sijbrant in het huweijk trad met Grietje Banning maakten zij den 29 Juni 1564 de volgende huwelijksvoorwaarden:
Sijbrant Joostenz. poirter der stede van Amstelredamme geassisteert metten sijn vader Joost Buyck Sijbrantsz. tresorier ende Raedt derselve stede ter eenre, en Grietie Garbrant Claes Banninghdochter poortersche der stede voorsz. geassisteert metten Garbrand haer vader ten andere sijde», verklaren «in der heijliche echte» te gaan. Sijbrant brengt in /6000.— hem belooft van Joost zijn vader; ƒ300.— «telossen den pennick 18 op den huijse ende erffen genoemt de groene Papegaij toecomende Joost Buijck». Zij brengt in ƒ6000.— en «aen silver en huijsraet ter waerde van f 1000.—». Gedaen ten huijse van Joost Buijck staende bij Jan Roodepoort, daerbij aenwesende d'eersame en discrete meester Garbrant Allertszoen, capellaen van der nijeuwe parochiekercke, ende Sijbrant Occo tresorier ende raet.» De notaris was Franciscus Nicolaesz. van Delff.
Den 21 October 1576 maken Sijbrant en Grietie hun testament «ten huijse van testateur gestaen omtrent Jan Roodepoort bij wesen van d'eersame(n) heer en Mr. Jacob Pietersz. van Edam pastoor van Grootebrouck ende Jan Meeuws van Monnickendam beijde inwoenders deser stede.» In dit testament worden alleen genoemd «Cornelis ende Claes hunne tegenwoerdige twee onmondige kinderen.»
De getuige «Jacob Pietersz van Edam» was reeds in 1549 pastoor van Grootebroek, van waar hij om de «trubelen » moest vluchten, en een veilige schuilplaats vond in Amsterdam, gelijk Hendrick van Biesten «wijlen orateur van de Minrebroeders binnen Amsterdam» in 1572 ons meldt:
Verdreve priesters heeft zij (Amsterdam) ontfae»,
Haer poirten laet en vroegh opgedaen
Om de vroomen te logeeren;
En haer van kruijs en lijden t' ontslaen.
Daerom zal ze bloeijen met eere.
Sijbrant heeft zich, zooals 't schijnt, aan het openbaar leven gewijd; en daar zijn vader steeds in de Regeering zat, zoo was voor hem zelden plaats «opt cussen». Hij was burgemeester in 1575; raad in 1571 en 78; en behoorde in 1577 tot het gezantschap dat op order van de Amsterdamsche Vroedschap met Don Juan onderhandelde over de Satisfactie. Hij werd den 26 Mei 1578 met zijn vader door « t oproerigh graeuw» Amsterdam uitgedreven, en vestigde zich te Leiden «op de Vlaemsche plaets», waarschijnlijk bij zijn vader, die te Amsterdam «met Sijbrant sijn soen gewoent heeft.»
In zijn of hun huis was een schilderij .de Venus van Dirk Barentsz.», «een naecte vrouw liggende met het hooft in een oorcussen en seer levendich, bijcans als 't leven». Deze schilderij was in 1671 te Hoorn bij Gerbrant Buyck, zijn zoon.
Zijn portret op paneel geschilderd bevindt zich bij Baron Heereman van Zuijdwijk te Surenburg met de spreuk:
Opinio sacer morbus en het jaartal 1598 act. 66.
HlJ overleed ln Augustus 1612 op tachtigjarigen leeftijd te Leiden. Zijn lijk werd overgebracht naar het oud-vaderlijke huis «bij de oude Jan Roompoort, van waar het den 15 Augustus in de Nieuwe Kerk werd bijgezet in het graf zijns vaders. Bij zijn begraven werden «geluijd vier clocken».
Großeltern
Eltern
Geschwister
Kinder
B.J.M. de Bont, Het geslacht Occo (Amst. 1893)
https://www.delpher.nl/nl/boeken/view?coll=boeken&identifier=MMSFUBA02:000011445:00076