Er ist verheiratet mit Johanna I van Navarra.
Sie haben geheiratet am 16. August 1284 in Champigné, Maine-et-Loire, Pays de la Loire, France, er war 16 Jahre alt.
Sie haben geheiratet in Paris, Île-de-France, France.Kind(er):
Koning van Navarra (1284); koning van Frankrijk (1285-1314, gekroond in 1286).
Filips was een grote, krachtige man, met blauwe ogen en blond haar.
Filips IV, bijgenaamd de Schone (Fontainebleau, 1268 - Fontainebleau, 29 november 1314), sinds 1285 koning van Frankrijk, zoon van Filips III en kleinzoon van "de Heilige" Lodewijk IX. Hij was gehuwd met Johanna I van Navarra.
Filips was een grote, krachtige man, met blauwe ogen en blond haar.
Hij was de vader van drie opeenvolgende Franse koningen: Lodewijk X (1314 - 1316), Filips V (1316 - 1322), en Karel IV (1322 - 1328). Zijn dochter Isabella ("la Louve de France") trouwde met de Engelse koning Edward II.
Buitenlandse relaties
Tijdens zijn regering laaide de Honderdjarige Oorlog (zie onder) weer op; hij kwam daarbij in conflict met de Vlaamse graaf Gwijde van Dampierre. Het verzet van het Vlaamse volk leidde tot de Slag bij Kortrijk ("Guldensporenslag", 11 juli 1302) en de slag bij Pevelenberg. Met graaf Robrecht III van Bethune sloot hij het verdrag van Athis-sur-Orge.
Conflict met het graafschap Vlaanderen
Tijdens zijn regering zou Filips ook in conflict komen met de graven van Vlaanderen en de steden. Beiden zullen uiteindelijk de handen in elkaar slaan en zullen de Fransen verslaan in de Guldensporenslag op 11 juli 1302. De graaf van Vlaanderen, Gwijde van Dampierre, hield zijn ambt en zijn grondgebied in leen van Filips. Filips zal echter zijn kroondomein trachtten uit te breiden ten koste van Vlaanderen wat bij Gwijde niet in goede aarde valt. Gwijde zal ondertussen in Vlaanderen zelf ook in conflict geraken met de Vlaamse steden, die een steeds grotere autonomie opeisen. Op dat moment was er in de steden al een polarisatie te merken van een patriciaat en proletariaat dat later zal uitmonden in respectievelijk leliaarts en klauwaarts. De Vlaamse steden waren afhankelijk van Engeland voor de aanvoer van hun wol en wanneer Filips opnieuw in conflict geraakt met Engeland, verzetten de steden zich tegen de Franse inmenging in Vlaamse aangelegenheden. Gwijde schaarde zich aan hun kant en deed een leenopzeg bij de Franse koning in 1297. Filips bezette daarom tussen 1297 en 1300 een groot gedeelte van Vlaanderen, totdat onderhandelingen uitmonden in een bestand. Echter door het machtsvertoon van Filips was er in de Vlaamse steden een duidelijk verzet gekomen van de Vlaamsgezinde Klauwaarts: ambachtslieden en een deel van de adel. Tussen 1300 en 1302 zal Filips overgaan tot een volledige bezetting van Vlaanderen. Het graafschap wordt ingelijfd bij Frankrijk en Gwijde en zijn zoon Robrecht van Béthune worden gevangen genomen. Filips plaatst Vlaanderen onder het gezag van Jacques de Châtillon, en begint in heel Vlaanderen 'Blijde intredes' te doen. Dit stoot op fel verzet van de Klauwaarts en de Vlaamse steden, die hun privileges zien slinken. In 1301 en 1302 zijn er in verschillende steden opstanden, onder andere in Brugge met Pieter de Coninck. Bonafatius VIII, eveneens in conflict met de Franse koning, zal zijn steun betuigen aan Vlaanderen in de bul Ausculta fili. De opstand komt onder leiding van Jan van Namen, Gwijde van Vlaanderen en Willem van Gulik. Wanneer een opstand in Brugge wordt neergeslagen door de Châtillon, zullen de opstandelingen reageren met de Brugse Metten op 18 mei 1302. Op 11 juli 1302 zal het dan komen tot een gewapend treffen tussen een Frans ridderleger en de Vlaamse ambachtsmilities, die zullen overwinnen in de Guldensporenslag onder leiding van Willem van Gulik. In augustus 1302 zal er een nieuw treffen plaatsvinden aan de Zierikzee, dat een overwinning voor Filips zal worden. In de slag bij Pevelenberg eindigt de strijd aanvankelijk onbeslist, maar de Fransen zullen door de terugtrekking van de Vlamingen alsnog de overwinning opeisen. Oorlogsmoe zullen beide partijen uiteindelijk het verdrag van Athis-sur-Orge ondertekenen in 1305. Daarin wordt de inlijving van het graafschap ongedaan gemaakt, Robrecht van Béthune op de troon geplaatst en de stedelijke privileges bevestigd. Filips zal echter zijn slag thuis halen door een enorme boete op te leggen omwille van de opstandigheid en Franssprekend Vlaanderen wordt geannexeerd (Rijsel, Douai en Orchies)
Conflict met de paus
Paus Bonifatius VIII volgde in tegenstelling tot zijn voorganger een zeer agressieve koers, die zich vooral tegen Filips richtte. Bonifatius bekritiseerde hem om het recht de Franse geestelijkheid fiscaal te belasten en dezelfde geestelijkheid voor wereldlijke rechtbanken te laten verschijnen. Hij verbood de geestelijken in Frankrijk nog belastingen aan de vorst te betalen. Als reactie hief Filips een uitvoerverbod voor goud en zilver, waardoor ook de paus geen inkomsten meer kon halen uit Frankrijk. Die reageerde furieus met de bul Unam Sanctam, waarin hij het primaatschap van de paus uitroept. De geestelijke macht (paus) verheft zich boven de wereldlijke (koning), volgens hem. In 1303 laat de paus Filips excommuniceren waarop Filips geen andere mogelijkheid ziet dan te paus te gaan ontvoeren. Hij plaatst de paus in een 'Babylonische gevangenschap' te Avignon. Bonifatius zal echter kort na zijn aankomst sterven. Hij zal dan opgevolgd worden door Clemens V die de apostolische stoel verhuist van Rome naar Avignon, wat de macht van de Franse koning op de Kerk vergroot. Aanvankelijk was Clemens van plan terug te keren naar Rome, maar Filips wist hem te overtuigen in Avignon te blijven. Clemens steunde Filips om de orde van de Tempeliers op te rollen, ten einde om te verkomen dat Bonifatius alsnog als een ketter te boek zou komen te staan. Het vermogen van de Tempeliers had de koning nodig om zijn eigen financiële problemen te boven te komen.
Binnenland
Onder zijn bewind vond in navolging van zijn grootvader, Lodewijk IX, een verdere rationalisatie en professionalisatie van het centraal staatsapparaat plaats. Hij richtte een Chambre des comptes in als centrale rekenkamer. Hij liet zich ook omringen door raadsleden die zich verzamelden in de conseil du roi. Tenslotte richtte hij naar Engels voorbeeld ook een standenvertegenwoordiging op onder de naam van Etats Généraux (Staten Generaal).
Honderdjarige Oorlog
De feodale achtergrond
De oorsprong van deze lange periode van strijd ligt in de innerlijke tegenstrijdigheden van het feodale stelsel die in die tijd in vele plaatsen in Europa aan het licht traden. In de vroegere Middeleeuwen was de macht vrijwel geheel bij de leenman komen liggen. Dit was vooral in Frankrijk bijzonder sterk het geval omdat de lenen de hertogdommen, graafschappen, markiezaten enzovoort daar groot genoeg waren om aparte rijkjes te vormen.
Door een proces van uithuwelijking afgewisseld met oorlogen was er allengs een lappendeken ontstaan waar de lenen in steeds minder handen terecht kwamen. Dit proces van "klontering" gebeurde vaak over de oude rijksgrenzen heen. Zo was de Engelse koning ook Hertog van Guyenne in Frankrijk en de Hertog van Bourgondië verwierf zowel het Graafschap Vlaanderen (een Frans leen) als Brabant en Holland (Duitse lenen).
De grootste tegenstrijdigheid daarbij was dat de koning van Engeland in zijn hoedanigheid van Hertog van Guyenne geacht werd de eed van trouw aan de Franse koning af te leggen. Bovendien konden de burgers van Guyenne bij een geschil met hun hertog een beroep doen op de Franse koning om tussenbeide te komen.
De koningen zelf deden ook driftig mee aan het klonteringsproces en aan het begin van de 14e eeuw was de koning van Frankrijk een bijzonder machtig man die hard bezig was de kleinere leenmannen het zwijgen op te leggen en eventueel hun gebieden af te pakken. Met een leenman die zelf ook koning was, was dat natuurlijk wat moeilijker.
De dynastieke achtergrond
Er ontstaat echter in de jaren 13141328 een groot dynastiek probleem in Frankrijk. In 1314 sterft de machtige Franse koning Filips IV. Hij heeft drie zoons en een dochter. De laatste is getrouwd met Edward II van Engeland, die meer van mannen houdt. Zij vermoordt haar echtgenoot en regeert samen met een zekere Mortimer het land in naam van haar zoon, totdat deze (Edward III van Engeland) zijn moeders vrijer vermoordt en haar aan de kant zet. Inmiddels is in Frankrijk het ongelooflijke gebeurd. De drie broers van Edwards moeder sterven één voor één zonder een mannelijke nakomeling na te laten. Eerst Lodewijk X (1316), daarna Filips V (1322) en tenslotte Karel IV op 1 februari 1328. Daarmee is het huis Capet in directe, mannelijke lijn uitgestorven. Hoewel er niet echt een wet is die vrouwelijke opvolging verbiedt (latere historici zouden een hele oude wet van de Franken, de Salische Wet uit de vergetelheid opduiken, maar dat was achteraf), ziet Karel IV liever zijn neef van Valois op de troon dan de enige dochter van Lodewijk X, laat staan zijn zus of diens Engelse zoon Edward. Op zijn sterfbed vermaakt hij daarom zijn troon aan Filips van Valois.
De confiscatie van Guyenne
De beslissing om Filips van Valois tot koning Filips VI te kronen wordt algemeen aanvaard en zelfs Edward III buigt als Hertog van Guyenne zijn knie voor zijn nieuwe leenheer. Enige jaren later echter doen de burgers van Guyenne een beroep op Filips tussenbeide te komen als Edward te zware belastingen heft. Hij ziet in het conflict de langverwachte aanleiding om Edward III zijn titel van Hertog van Guyenne af te nemen. Deze is woedend en verklaart opeens dat hij en niet Filips de rechtmatige koning van Frankrijk is. Door velen wordt deze verklaring niet erg serieus genomen. Frankrijk wordt namelijk veel groter en machtiger geacht en heeft een succesvolle militaire traditie, terwijl het Engelse leger maar met moeite de Schotten de baas kan blijven.
Crécy en het verdrag van Brétigny
Op het slagveld van Crécy (1346) blijkt deze inschatting volledig mis. Vooral door de inzet van de oppermachtige Engelse boogschutters wordt de Franse koning verslagen. Met zijn zoon Jan II, die hem in 1350 opvolgt, loopt het in 1356 bij Poitiers nog slechter af: hij wordt zelfs gevangengenomen en sterft uiteindelijk in gevangenschap in Londen. Omdat zijn jongste zoon Philippe hem lijfelijk op het slagveld beschermt, beleent hij hem voor zijn dood met Bourgondië. Dit is een zeer uitzonderlijke daad sinds generaties is het immers politiek om lenen te verzamelen, niet uit te geven en hoewel goed bedoeld, zal dit later funeste politieke gevolgen hebben.
Ondertussen strijdt in het verre Bretagne een hereboer met een kleine groep guerrilla's tegen de Engelsen. Deze hereboer, Bertrand Du Guesclin, blonk in 1357 uit door de Engelse belegering van Rennes deze stad te verdedigen. Aanvankelijk streed hij slechts voor een onafhankelijk Bretagne, later trad hij in dienst van de Fransen, die zijn kwaliteiten goed konden gebruiken.
De Engelse koning Edward deed ten slotte een poging om Frankrijk in een keer op de knieën te krijgen. Hij zette een enorm leger aan land in Calais, en liet dit naar Reims opmarcheren. Daar hoopte hij tot koning te worden gekroond. De onderneming werd een mislukking, maar bracht de balans tussen beide zijden zodanig terug dat er weer over vrede gepraat kon worden. In 1360 werd de Vrede van Bretigny gesloten. Frankrijk moest heel Aquitanie afstaan, en de Engelsen gaven (voorlopig) hun rechten op de Franse troon op.
Karel V de Wijze
Jans oudste zoon Karel V zelf nog erg jong krijgt te maken met allerlei bijverschijnselen van de oorlog: het volk komt in opstand omdat zij de klappen moeten opvangen en hun feodale meesters niet in staat zijn of gewoon geen interesse hebben om hen tegen de plunderingen en brandschattingen te beschermen. Hij moet het Verdrag van Brétigny tekenen waarbij een groot deel van Zuid-Frankrijk (Aquitanië) in handen van Edward III en zijn zoon, Edward de Zwarte Prins, valt.
Karel V ontpopt zich echter als een kundige tegenspeler. Via zijn generaals brengt hij de Engelsen zware klappen toe. Bertrand du Guesclin weet de plunderende huurlingen in te huren voor een veldtocht naar Spanje, waar hij de pro-Engelse Pedro de Wrede van de troon stoot. Deze laatste krijgt hulp van de Engelsen, maar wordt ten slotte te Montiel in 1367 definitief verslagen. Zijn halfbroer Enrique van Trastamare laat zich tot koning kronen, terwijl hij Pedro met behulp van Du Guesclin laat vermoorden. Nu heeft Frankrijk een bondgenoot in het zuiden.
Karel richt zich vervolgens naar het zuidwesten, en in 1369 neemt hij Aquitanië weer in beslag. De Engelsen zijn weer min of meer bij af, hoewel ze inmiddels wel ook Kales (Calais) in handen hebben. In de zestien jaar van Karels regering verliezen de Engelsen bijna alles wat ze in 27 jaar hebben veroverd.
De Zwarte Prins sterft vóór zijn vaders dood en zo komt diens kleinzoon Richard II in Engeland (en de Franse bezittingen) op de troon. Richard wil eigenlijk wel van de oorlog af en het komt bijna tot vrede, maar de oorlogspartij in Engeland is inmiddels erg machtig geworden. Op avontuur gaan in Frankrijk was namelijk voor vele Engelsen dé manier geworden om er beter op te worden. Er waren door plundering schatten verzameld. De oorlogspartij weet in 1399 Richard van de troon te stoten en daarmee worden de Plantagenets vervangen door een zijtak, de Lancasters. Hoewel zij nauwelijks een legitieme claim op de Engelse troon hebben later zouden daar de Rozenoorlogen door ontstaan beweren zij wel degelijk ook de legitieme koningen van Frankrijk te zijn.
De Franse burgeroorlog
Karel V's zoon Karel VI is aanvankelijk geen slechte opvolger, maar in 1392 wordt hij krankzinnig. Dit brengt de Bourgondische tijdbom van zijn grootvader Jan II tot ontploffing. Er ontstaat in de familie Valois grote onenigheid over wie nu Frankrijk moet regeren. Er zijn twee kampen: de Bourgondiërs en de Armagnacs. Allengs ontaardt deze twist in moordpartijen en uiteindelijk burgeroorlog.
In Engeland is de troon van de Lancasterkoning Hendrik IV allengs juist wat steviger geworden en zijn zoon Hendrik V besluit om op oorlogspad te gaan in Frankrijk. In 1415 valt Hendrik V Normandië binnen en boekt een klinkende overwinning bij Azincourt. Hiermee begint hij een onstuitbare opmars die uitmondt in onderhandelingen met koningin Isabeau, die (met Bourgondische steun) in naam van haar krankzinnige echtgenoot het Verdrag van Troyes met hem sluit. Ze verklaart haar eigen zoon, de kroonprins die met de Armagnacs heult, tot bastaard en huwelijkt haar dochter aan Hendrik uit. Hendrik en Catherine worden tot erfgenamen van Frankrijk uitgeroepen en daarmee lijkt het lot van Frankrijk beslist. Catherine schenkt het leven aan een zoon (Hendrik VI), maar dan sterft Hendrik V plotseling. Zijn broer Bedford zet de strijd in naam van Hendrik VI die nog een baby is voort, aanvankelijk met veel succes. Hendrik VI wordt zelfs in Parijs tot koning van Frankrijk gekroond nadat zijn krankzinnige en verwaarloosde grootvader overlijdt.
De afloop
Voor de Franse bevolking is de ellende bijzonder groot. Iedere militaire actie gaat gepaard met plundering, verkrachting, roof, moord en zelfs als er geen gevechten geleverd worden zijn er de eindeloze belastingen om de oorlogen te kunnen bekostigen. Het maatschappelijk stelsel kraakt in zijn voegen en de waarden van eer en trouw aan de vorst hebben hun geloofwaardigheid volledig verloren. Dat geldt ook voor de kerk. De paus was tot 1377 min of meer de gevangene van de Franse koning, maar daarna ontstaat er schisma na schisma. Er zijn na het concilie van Pisa zelfs drie pausen, die alle drie beweren dat hellevuur het lot is van degene die in de verkeerde paus gelooft. In dit klimaat komt Jeanne d'Arc naar voren, een eenvoudig boerenmeisje dat stemmen hoort. Zij weet een geheel nieuw element in te brengen in de politiek en op het slagveld. De strijd verschuift van een twist over feodale rechten naar een nationale bevrijding. Dit brengt een totaal onverwachte ommekeer. Zelfs de Dauphin Karel VII, tot bastaard verklaard en niet meer in zijn eigen zaak gelovend, komt weer tot actie, hoewel hij het nieuwe van de situatie ook wel met enige zorgen beziet. Door Jeannes toedoen wordt hij toch in Reims midden in vijandelijk gebied gekroond. Hoewel Jeanne daarna gevangen genomen wordt door de Godons en als heks verbrand is de opmars van Karel VII niet meer te stuiten.
In de jaren 1450 tot 1453 weet de inmiddels energieke koning voorgoed af te rekenen met de Engelsen. Zij verliezen alles, behalve Kales (Calais). Voor een groot deel is dat te danken aan de modernisering van het Franse leger. Daar werkt men nu met kanonnen en hoewel die al aan het begin van deze lange strijd op het slagveld verschenen waren, zijn ze nu de Engelse boogschutters meer dan de baas.
Koning van Frankrijk, bijgenaamd De Schone
Großeltern
Eltern
Geschwister
Kinder
Philippe Capet | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
1284 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Johanna I van Navarra | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Die angezeigten Daten haben keine Quellen.