Bevolkingsregister van de Maatschappij van Weldadigheid
Cornelis van Weert, geboren op 13-07-1793; plaats van herkomst: Amsterdam; godsdienst: herv.; aangekomen op 09-07-1834; ingeschreven in Wilhelminaoord als kolonistenvader; overleden op 09-02-1879.
Ingeschreven als wonende op hoeve: 54b (inv.nr. 3006); 54b (inv.nr. 3007); 210 (inv.nr. 3008); 210 (inv.nr. 3009); 210 (inv.nr. 3011); 210 (inv.nr. 3012).
Bijzonderheden:
Van de Subcie Amsterdam, vervanging Benjamius. Vrijboer rond 1860.
Op aankomstdatum geplaatst in kolonie II, Wilhelminaoord.
Gehuwd met Maria Heijkamp, geb. 22-08-1805 te Amsterdam en overl. 13-09-1889.
Uit het huwelijk zijn 7 kinderen geboren.
(1) Er ist verheiratet mit Maria Kraaijenkamp.
Sie haben geheiratet
Kind(er):
(2) Er ist verheiratet mit Johanna Maria Bekkers.
Sie haben geheiratet am 13. August 1828 in Amsterdam, er war 35 Jahre alt.
Gezin van Cornelius van Weert
Hij is getrouwd met (1) Johanna Maria Dekkers op 13 augustus 1828 te Amsterdam, Noord-Holland, Nederland.
Hij is getrouwd met (2) Maria Krijkamp op 4 mei 1831 te Amsterdam, Noord-Holland, Nederland.
Cornelius en Maria vertrokken in 1834 naar de Kolonies van de Maatschappij van Weldadigheid in Frederiksoord bij Vledder. Zij behoorden tot de bedelaarsgezinnen die vanaf 1818 vanuit de grote steden daar naartoe gestuurd werden.
Uit wikipedia:
De Maatschappij van Weldadigheid was een particuliere organisatie in de 19e eeuw die armoedige gezinnen, veelal uit de grote steden, wilde helpen om een eigen bestaan op te bouwen als boer. De Maatschappij moet niet worden verward met de Maatschappij van Welstand.
In 1818 werd de Maatschappij van Weldadigheid opgericht door generaal Johannes van den Bosch die de armoedige gezinnen na de Franse overheersing wilde helpen. Van den Bosch kocht in Drenthe woeste grond aan zodat de armen deze konden ontginnen. Het Landgoed 'Westerbeeksloot' in het huidige Frederiksoord, werd het bestuurlijk centrum van de Maatschappij van Weldadigheid.Verzoekschrift aan Koning Willem I tot oprichting van de Maatschappij van Weldadigheid
Johannes van den Bosch
Verzoekschrift aan Koning Willem I tot oprichting van de Maatschappij van Weldadigheid:
Sire!
Een aanzienlijk getal onderdanen van Uwe Majesteit hebben zich vereenigd om een Maatschappij van Weldadigheid opterichten onder de bescherming van zijne Koningklijke Hoogheid Prins Frederik, met oogmerk om aan de talrijke klassen van behoeftige ingezetenen arbeid te verschaffen en zulks in de Eerste plaats door middelen van Fabriekmatige inrichtingen ter vervaardiging van zoodanige goederen, die geheel of grotendeels van Buitenlands worden ingevoerd, het debiet daarvan te verzekeren door eene Vrijwillige overeenkomst der Leden van de Maatschappij, om Jaarlijks eene zekere hoeveelheid stoffen op deze wijze vervaardigd tegen gezette prijzen te ontvangen, ten Tweede door het ontginnen en Vruchtbaar maken van nog ongecultiveerde gronden in ons Vaderland, en daarop bij wijze van Colonisatie over te brengen zoodanige Armen die voor dezen arbeid geschikt geoordeeld worden.
(Aanhef van een door Johannes van den Bosch ondertekend verzoekschrift in 1818)[1]
De proefkolonie
Johannes van den Bosch ging voortvarend aan de slag. Op 25 augustus 1818 - één week na de aankoop van het landgoed Westerbeeksloot door de Maatschappij - legde hij de eerste steen voor de eerste kolonistenwoning. Op 29 oktober 1818 arriveerden de eerste gezinnen in de kolonie, die vooralsnog als 'proefkolonie' zal fungeren. In het totaal zijn 52 gezinnen uit alle delen van het land 'uitverkoren' om mee te doen aan het experiment van Johannes van De Bosch. Na vierenhalf jaar woonden er nog 42 gezinnen onder de hoede van de Maatschappij van Weldadigheid. Een groot deel van hen is er tot hun dood blijven wonen. Hun lotgevallen zijn uitvoerig beschreven door Wil Schackmann in : 'De Proefkolonie'.[2]
[bewerk] De vrije kolonies
De maatschappij bouwde vervolgens definitieve kolonies, bestaande uit kleine koloniehuisjes met een beetje grond. Die huisjes stonden op regelmatige afstand van elkaar langs kaarsrechte wegen. De kolonies I en II werden later omgevormd tot het dorp Frederiksoord, de andere kolonies tot de dorpen Willemsoord (in Noordwest-Overijssel) en Wilhelminaoord en Boschoord. Hier werden in de periode 1818-1911 zo'n 1400 gezinnen opgevangen. Om de bevolking op te voeden en te vrijwaren van kwalijke invloeden, stichtte de Maatschappij haar eigen scholen en voerde ze 'koloniegeld' in. Dat geld heeft niet zolang bestaan, maar de scholen wel. Naast lagere scholen, stichtte de maatschappij ook beroepsopleidingen zoals het van 1823 tot 1859 geëxploiteerde 'Instituut voor de Landbouw' in Wateren en de 'Gerard Adriaan van Swieten' tuinbouwschool en bosbouwschool in Frederiksoord en de 'Gerard Adriaan van Swieten' landbouwschool in 1884 in Willemsoord. De stichting van deze scholen werd mogelijk gemaakt door een schenking van de oud-majoor der cavalerie, F.H.L. van Swieten.[3]. De tuinbouwschool is november 2005 verhuisd naar Meppel.
Kolonisten konden als beloning voor vlijtigen arbeid en goed gedrag een koperen, zilveren of gouden medaille verkrijgen, met daaraan een jaarlijks geldbedrag verbonden van respectievelijk 2,5, 5 en 10 gulden. Wie kon aantonen, dat hij van de opbrengst van zijn land en vee voldoende kon bestaan verkreeg de zilveren of gouden medaille en kon bevorderd worden tot pachter of vrijboer. De aanstelling tot wijkmeester of plaatsing als hoevenaar op een der grote boerderijen bij Ommerschans of Veenhuizen was vervolgens een lonkend perspectief. [4]
Kind(eren):
Stephanus Carolus Ambrosius van Weert 1833-1899
Wilhelmina van Weert 1835-1910
Margaretha van Weert 1837-1910
Theodorus van (der) Weert 1840-1931
Wilhelmus van Weert 1841-????
Maria Cornelia van Weert 1844-1928
Johannes Lambertus van Weert 1846-1922 Tree
Notities bij Cornelius van Weert
Bevolkingsregister van de Maatschappij van Weldadigheid
Cornelis van Weert, geboren op 13-07-1793; plaats van herkomst: Amsterdam; godsdienst: herv.; aangekomen op 09-07-1834; ingeschreven in Wilhelminaoord als kolonistenvader; overleden op 09-02-1879.
Ingeschreven als wonende op hoeve: 54b (inv.nr. 3006); 54b (inv.nr. 3007); 210 (inv.nr. 3008); 210 (inv.nr. 3009); 210 (inv.nr. 3011); 210 (inv.nr. 3012).
Bijzonderheden:
Van de Subcie Amsterdam, vervanging Benjamius. Vrijboer rond 1860.
Op aankomstdatum geplaatst in kolonie II, Wilhelminaoord.
Gehuwd met Maria Heijkamp, geb. 22-08-1805 te Amsterdam en overl. 13-09-1889.
Uit het huwelijk zijn 7 kinderen geboren.
Großeltern
Eltern
Geschwister
Kinder
Cornelius van Weert | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Maria Kraaijenkamp | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1828 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Johanna Maria Bekkers | ||||||||||||||||||||||||||||||||||