Er ist verheiratet mit Geertgen Hartgers.
Die Eheerklärung wurde am 11. Februar 1621 zu Harderwijk, T.B gegeben.
Kind(er):
1623 april 27, rec. 144, folio 309 verso. ( ORAH, copie 15:409 )
Voir Dedem ende Albert Voeth Looffden ende wierden borgen als vuerfancxrecht
is Elbert Aertsz ende Jan Alartsz voor die tsamentlicke Erffgenaemen vanza-
liger Aert Dirricksz voor die erffenisse ende versterff die hen mitsdoode van
zaliger Aert Dirricksz eenichsins aenbeerft ende aenbestorven is. Desgelooff-
de Geertgen Bessels weduwe van zaliger Aert Dirricksz den voorschrevenoeren
borgen van dese borgtocht vrij quijt ende schadeloes te halden. Actum den27.
Aprilis 1623.
N.B.: Elbert Aertsz is Elbert Aerdtsz Lieffert.
1625 augustus 4, rec. 145, folio 81 verso. ( ORAH, copie 5:11 )
Voor Dedem ende Wijnbergen loofden ende worden burgen als voorfancx rechtis
Jan Alardts Visch ende Reijer Corneliss Soeber voor 't erffhuis vanzaliger
Cornelis Joachimss Des geloofden Reijer Corneliss ende Hendrick Beertssdie
voorschreven burgen van dese burchtochte vrij quijt ende schadeloes tehalden.
Actum den 4 augusti 1625.
N.B.: Cornelis Joachimss x Janniken Henrickss op 04-11-1593, beiden vanHierden
: Reijer Cornelissen Soeber op 29-03-1626 getrouwd met Aaltgen Peters.
1629 maart 27, rec. 145, folio 262 verso, 263 en 263 verso. ( ORAH, copie5:12/
13/14 )
Voir d'selve Richteren ter Instantie ende onder presentatie als bovenTuichde
Jan Alardtss Visch olt ongeveerlick 43 jaeren hoe waer is Dat hij medetoe
hijerden gevoedet ende geboren is ende doorgaens in de Lege Enck soe inthoeden
van Schapen ende beesten, bouwen ende maijen als int holt te bosschenverkeert
heeft. Ende derhalve goede kennisse aen die voorschreven twee stuckenLandts
heeft. Ende dat hij van sijn voorolders wel heeft horen seggen dickmaels,Dat
het selvige Landt van olts de Edele Sweer van hoeclum plege toe tebehoeren,
Ende dat die noordtwardste Ses Schepel Eertijdts door de olde Jan Wijnessplege
gebruickt te worden, Ende dat tusschen die voorschreven Ses Schepel endenoch
andere Ses Schepel, die Eertijdts die Broeckhuisens plege toe te hoerenEnde
nae der handt aen Jan Wijness vercost is, Een eijcken hegge is staende,Ende
dat hij van Jan Wijness wel verstaen heeft Dat die twee boemen die daergestaen
hebben ende noch Eeniche Eijcken Koijen daer beneffens, onder hoeclumsLandt
behoerden. Dat oick hem nijet geheucht Dat die hegge of weischeide tijdege-
houwen is Dan dat sommige Eijcken Koijen bij die boemen staende welallene
gehouwen sijn. Ende dat hoeclums Erffgenamen uuitte voorschreven hegge nuom-
trent vijff jaeren geleden hebben doen houwen ende geroten twee opgaende
boemen, die van olts hoeclums boemen genaemt worden. Ende dat oick waeris Dat
Jan Wijness warende bouwen op die voorschreven noordtwartste Ses Schepelom-
trent aen noordtwarste Einde nae hijerden aen ijets tot bederff van sijnge-
broeckenen ploech heeft gehouwen, uuijt die gemelte hegge, ende dat hijgehoort
heeft, dat desmals zaliger Everdt Wolterss, bruicker vant BroeckhuisensLandt
vraechde: Jan Wijness Wadt houwt gij daer ? Ende dat Jan Wijness wederseijde,
Ick houwe uuijt mijn Landtheer hoeclums holt, Ende dat desmals EverdtWolterss
ende Jan Wijness daer mede van anderen sijn gescheiden, sonder meer vantholt
te spreken. Actum ut supra. ( 27 Martij 1629 )
N.B.: bouwen : landbouwen.
: koyer, cooye, coye : schaapskooi, eendekooi.
: geroten : doen rotten.
N.B.: er bestaan twee Jan~Alardts "Vischen".
1629 juli 6, rec. 145, folio 279. ( ORAH, copie 5:15 )
Voir Werckum ende Dedem loofden ende worden burgen Jan Alardtss Vischende
Aerdt Elbertss voor Brandt Albertss voor 't lichten van de geschuttepanden
van Coolwagen cum suis, Dat hij d'selve daer voor sall te rechte staen.
Des geloofde Brandt sijne burgen hier van te vrijen. Actum den 6 Julij1629.
N.B.: Aerdt Elbertss is de zoon van Elbert Aerdtss Lieffert.
1631 augustus 23, rec. 145, folio 398 en 398 verso. ( ORAH, copie 5:16 en7:6 )
Voir d'selve Schepenen Compareerde Jan Alardtss ter eene Ende DirrickAlardtss
ter andere sijden, Beijde gaende ende staende ende haer verstandtvolcomentlick
gebruickende, verclarende Dat sij overdenckende die broesheit desmenschen
levens, die sekerheit des doots ende de sekerheit van de vhre des selvemet
geene uuit dese werelt souden scheiden sonder betoninge van oereonderlinge
broederlicke liefde ende affectie. Ende hebben diensvolgens malkanderenreci-
proke ende aen weder sijde bij forme van Testamente Donatie causa mortisofte
woe sulcx anders opt bundichste sal connen bestaen, gelegateert endebemaeckt,
legateren ende bemaecken malkanderen in crachte deses alle oer geredeende
mobile goederen, als huisraedt Linnen Wullen have beesten Saedt in huisende
opt landt guast mest ende voorts alles wes eenichsins onder gerede endemobile
goederen geduidet verstaen ende begrepen can worden. Om die selve allebij die
Langstlevende van hen beiden erflick ende eewichlick te hebben endebeholden.
Ende in alle oer andere ongerede ende onroerende goederen hebben dievoor-
schreven gebroederen malkanderen belijftuchtiget, ende belijftuchtigenmal-
kanderen in crachte deses, om die selve alle bij die Lestlevende van henbeiden
sijn Levenlanck Tuchtsche wijse ende nae Lijftuchten rechten te besittenende
gebruicken. Blijvende die voorschreven Legaten van Jan Alardtss in haervolle
cracht ende waerden. Sonder argelist. Actum ut supra.
N.B.: causa mortis : in geval van dood / overlijden.
: wullen : wollen.
: have : eigendom, roerende goederen, geld, vee.
: guast : gewas ?
1632 februari 25, resolutie boek nr. 6 folio 2.( copie 6:13 )
In saecke ongedecideert hangende tusschen Jan~Alardts Visch Eischer eensEnde
Dirrick~Alardts Visch verweerder anderdeels. Over de Eisch van eendeuchtsaime
Inventaris Sampt affdeilinge vande halve naelatenschap oere afgestorvenen
broeders, Sustinerende verweerder als int gerede begifticht ende intongerede
getuchticht daer toe ongeholden, Ende Eijscher ter contrariënContenderende
sulcke Gifte ende Tuchte door swackheit des Testateurs ende nae rechtedeser
provincie nijet te mogen bestaen. Nae Aenspraeck Antwoordt ReplijckDuplijck
Schijn ende bescheit bij parthiën ingedongen ende op alle nae behoregelet
daer op Eenichsins in desen te letten stonde. Wijsen die Schepenen metAdvies
van gepractiseerde Rechtgeleerden voor recht Dat verweerder geholden isde
Eischer te leveren een behoorlicke Inventaris van sijnes voorschrevenbroeders
naelatenschap, Ende de selve te laten volgen die helfte vant ongereedtbij sijn
voorschreven broeder naegelaten, Den Eischer sijne vordere Eischontseggende
ende die koste om redenen compenserende. Uuigesproken den 27 Februarij1632.
1635 juni 1, resolutie boek nr. 6, folio 165 verso.( copie 6:11 )
Uijtgesproocken den 1. Junij, Jan~Alardtsz Visch sal bestaden 'tmeisterloon
van Gerrit Petersz vrouwe.
N.B.: bestaden : toewijzen.
1646, kohier verponding, folio 79. ( OAH, copie 12:45 )
Jan Alerts Visch weduwe pachtersche van 2 clooster dagmaten ad 1-10-0,Hoge
Mehen.
Großeltern
Eltern
Geschwister
Kinder
Jan Alardtsz Visch | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Geertgen Hartgers | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Die angezeigten Daten haben keine Quellen.